dinsdag 20 oktober 2026

Kaapstad - Ethiopië - Brussel

‘Africa changes you forever, like nowhere on earth, once you have been there, you will never be the same’


Vandaag verlaten we na 3,5 week dit prachtige land. Op weg naar de luchthaven kijk ik meewarig naar de machtige tafelberg die langzaam uit het zicht verdwijnt en dan komen we aan op de minst favoriete locatie van de reis: de luchthaven! Na een onvergetelijke reis stappen we in de ‘ijzervogel’ en keren we terug huiswaarts. Deze reis naar Zuid-Afrika overtrof niet mijn eerste reis, maar toch heb ik wederom genoten van de overweldigende rijkdom aan contrasten: van de ontzagwekkende ontmoetingen met de 'Big Five' in het Krugerpark en de adembenemende natuur van de Panorama- en Tuinroute tot het bruisende, kosmopolitische Kaapstad.

Ondertussen heb ik een soort haat-liefde voor Zuid-Afrika opgebouwd: verliefd op het land sinds ik er arriveerde, maar ook vaak teleurgesteld, met name door geweld en racisme. Toch kwamen we er – zoals verwacht – zonder enig gevoel van onveiligheid doorheen. Dat wil niet zeggen dat alles in de 'regenboognatie' nu rozengeur en maneschijn is, want dat is simpelweg niet zo. De ongelijkheid tussen rijk en arm is nog steeds duidelijk zichtbaar. Als reiziger in Zuid-Afrika is alertheid de sleutel tot veiligheid. 

Eén ding staat wel vast, Zuid-Afrika raakt eenieders hart. Het is een land waar ongekende landschappen, rijke culturen, verfijnde gastronomie en indrukwekkende safari’s samenkomen. Daarom wordt Zuid-Afrika ook wel ‘een wereld in een land’ genoemd. Elke dag wacht hier een nieuwe verrassing.

My body Will soon be home – My heart is still in South Africa’!


maandag 19 oktober 2026

Simons Town - Middle Beach

‘Sometimes you just have to put on your happy feet and dance like a penguin’


Wat is er leuker dan deze prachtige reis te eindigen met opnieuw een bezoekje aan de pinguïns van Boulder Beach? Initieel hadden we gepland om dat met de trein te doen maar omdat de kosten voor de taxi hier zo goedkoop zijn, besluiten we gewoon een Uber te bellen. We worden om half 9 opgehaald en zijn verbaasd dat het halverwege de rit plotseling hevig begint te regen. Dit weer was helemaal niet voorspeld!  We panikeren lichtjes want we hebben niets bij tegen de regen, maar wanneer we een uurtje later aan het Boulder Visitor Centre toekomen, schijnt de zon. Deze keer gaan we op zoek naar Middle Beach. Volgens Joann ligt dat in het verlengde van waar we vorige week geweest zijn. Wanneer we voorbij het Boulder Visitor Centre lopen, zien we dat er een houten vlonder door een groen parkje loopt, parallel met de zee. Ook dit gedeelte hoort nog bij Kleintuin Road, maar is heel anders dan de verharde weg waar we eerst over lopen vanaf de parkeerplaats. Onderweg zien we af en toe een dassie die ligt te  chillen op een rots.  


Aan het eind van de houten vlonder betalen we een kleine entree voor het strand. We lopen Middle Beach op, turen rond en even denken we dat we verkeerd zijn, totdat we aan de andere kant van het baaitje twee zwart, witte vogels spotten: pinguïns! Ze zijn er! Ik kan niet anders dan het uit te schreeuwen, want dat is precies wat ik riep telkens als iemand me vroeg wat er deze keer op mijn bucket list stond. Een van de dingen waar ik het meest naar uitkeek tijdens mijn bezoek aan Zuid-Afrika, was het zien van de kolonie Afrikaanse pinguïns en dan nog het liefst ‘up close and personal’. We lopen over het strand en zetten ons op het witte zand en wachten tot ze uit het water komen. Ze waggelen bijna tot bij ons, maar aarzelen dan en draaien terug. Volgens een man die er met zijn familie aan het pootje baden is, willen ze graag voorbij ons maar durven ze niet. We besluiten hen de ruimte te geven en verder door te wandelen. 


Wanneer we aan de boulders komen, staan we voor een dilemma. We kunnen niet via het strand passeren, want een grote rots blokkeert het pad. Klimmen is de enige optie! De schoenen gaan uit, mijn broek wordt opgerold - Tania was slimmer en heeft haar short aan. De rotsen zijn nat en het valt niet mee om mijn evenwicht te behouden, maar het lukt. Na heel wat geklauter, komen we aan de andere kant van het strand, waar we door het water moeten. We kunnen deze keer veel dichterbij mijn lievelingsdiertjes komen en het voelt net even wat natuurlijker aan. Super relaxt zitten ze te chillen op een rots en eigenlijk doen de meeste helemaal niets. Een enkele pinguïn maakt zichzelf schoon met zijn snavel en een ander waggelt een paar stapjes vooruit totdat hij besluit dat staren naar de zee net zo fijn is.


De meeste pinguïns liggen gewoon lekker op een rots te zonnen. Yes, het wordt ons al snel duidelijk: als we een top 5 moesten maken van de leukste stranden van Zuid-Afrika, dan zit Middle Beach daar zeker bij! Kortom, wij zijn fan! Ze huppen uit het water, waarna ze onhandig over de rotsen waggelen. We vinden het zalig om gewoon wat te zitten en naar het gedrag van de beestjes te kijken. In het water zwemmen ze gracieus maar wanneer ze op het strand aankomen, is het nauwelijks te geloven dat het om dezelfde soort gaat. Zo gracieus in het water, maar zo onhandig op het land. Vooral hier, waar de grote rotsblokken enorme obstakels vormen voor deze kleine waggelende diertjes. 


Plots zien we een cutie boven op de rotsblokken staan. Hij observeert ons, wij observeren hem, en dan besluit hij met een schattige waggelpas dichterbij te komen om een ​​kijkje te nemen. Overal in het gebied staan ​​borden die waarschuwen dat pinguïns kunnen bijten en dat je voorzichtig moet zijn en niet te dichtbij moet komen. We begrijpen maar al te goed dat we de pinguïns niet moeten voeren of aanraken, maar dat wil niet zeggen dat zij niet net zo nieuwsgierig zijn als wij. Uren kan ik hier vertoeven en foto's maken. Ondertussen zijn we niet meer alleen, er zijn nog mensen die de weg naar dit verlaten strand gevonden hebben. Iedereen gaat heel respectvol met de beestjes om. 


Hun grappige loopje gaat vloeiend over in gracieus zwemmen zodra ze het water in gaan. Ja we hebben het pinguïnparadijs gevonden! Aan de ene kant vind ik het jammer dat zoveel mensen deze ervaring mislopen doordat ze alleen naar het Boulder Visitor Centre gaan, maar aan de andere kant vind ik het fijn dat het er rustig is en we de diertjes quasi voor onszelf hebben. Wanneer we ons eindelijk van de pinguïns kunnen losmaken, moeten we terug zoals we gekomen zijn, alleen is het nu hoog tij en moeten we iets dieper het water in. Een wilde golf zorgt ervoor dat ik nat ben tot op mijn ondergoed. Tania stoot haar teen en ik heb een schaafwondje van de ruwe stenen, maar dat alles hebben we er met plezier voor over. Terug aan de andere kant van het strand zetten we ons in de zon en genieten nog wat na van deze mooi ervaring en de omgeving. De eeuwenoude granieten rotsblokken beschermen het strand tegen wind en hoge golven, waardoor het een ideale zwemplek is. Het strand is altijd schoon en veilig, aangezien het deel uitmaakt van het beschermde mariene gebied van Table Mountain National Park. Het zachte witte zand en het (redelijk) warme water zijn heerlijk om even te ontstressen. Met een grote glimlach op ons gezicht en een ontzettend blij gevoel verlaten we Middle Beach. We zijn wel blij dat we er zo vroeg waren, want meer en meer mensen komen deze kant op. 


Tegenover het ijssalon is er een hek dat leidt naar een prachtig klein strandje. Hier zijn er meestal geen pinguïns, maar er is wel een mooie graffiti van mijn lievelingsdiertje. Bovendien is de omgeving ook hier prachtig. Na al dat natuurgeweld is het tijd om het stadje zelf te gaan ontdekken. Simon’s Town is een van de oudste plaatsen van Zuid-Afrika en de thuisbasis van de Zuid-Afrikaanse marine. Het is precies zo’n plek als je voor ogen hebt bij een ‘idyllisch kustplaatsje’. Het tempo ligt er veel lager dan in het nabijgelegen Kaapstad, maar het barst er van de koffietentjes, leuke restaurantjes en mooie winkeltjes.  Bij aankomst worden we begroet door historische Victoriaanse gebouwen. We hebben honger en gaan lunchen in hetzelfde restaurant waar ik vorig jaar ook ben geweest want we hebben deze vakantie nog geen braai gedaan. In het BBQ restaurant Fire and Smoke, eten we kip die heerlijk gerookt is. 


We rusten even uit bij het standbeeld van Just Nuisance, de enige hond die officieel dienst deed bij de Royal Navy. Het standbeeld kijkt uit over de zee. Ik heb gelezen dat het graf van deze hond te bezoeken is maar dat het best een stevige klim is. Daar moeten we nog even over nadenken want Tania’s teentje doet een beetje pijn. Eerst gaan we op zoek naar de Admiral’s Waterfall. Het wordt beschouwd als een verborgen parel en het pad zou starten aan het einde van Barnard Street in de wijk Mount Pleasant. Wat we niet wisten, was dat die straat helemaal boven ligt dus we hebben best al wat geklommen wanneer we er aankomen. Gelukkig komt er net een bewoonster uit haar huis die ons gerust stelt, we zitten op de goede weg, maar het is nog wel wat omhoog zegt ze. Bijna boven, komen we een koppel tegen. ‘Did you really come up all the way from the town?’ Yesssss …. Ze lijken oprecht verbaasd - ja het was inderdaad steil! We komen bij een onverhard pad waar we een bord zien staan van Table Mountain National Park. Hier start de wandeling van 3 kilometer over een licht hellend pad naar de waterval, die verscholen ligt bovenaan een ravijn. Enkele mannen zitten er op een steen voor een groot huis. We vermoeden dat ze van de security zijn. Ze zeggen ons vriendelijk gedag. De natuur is hier prachtig, maar het kan ook gevaarlijk zijn want er staan grote borden ‘Beware of the Baboons’. We zien er echter geen enkele dus wandelen we door. Wat een mooi uitzicht hebben we hier op zowel Simons Town als op de oceaan. Wanneer we bij de waterval komen, zien we een klein straaltje …. Tja het heeft niet erg veel geregend de voorbije dagen. Toch zijn we blij dat we tot hier zijn gekomen want de omgeving is prachtig. Overal zien we mooie bloemen en de rotspartijen zijn indrukwekkend. Af en toe zien we een hagedis voor onze voeten de struiken ingaan.

Wanneer we terug beneden komen, staan de mannen er nog steeds en zie ik dat er op hun T-shirt staat ‘baboon watchers’ dus vragen we hen of er hier werkelijk apen zitten. Ze knikken bevestigend en wijzen naar boven. Tania kijkt met haar verrekijker los in hun ogen. Het blijken grote beesten te zijn. Gelukkig zijn we die op onze wandeling niet tegen gekomen. Op de terugweg komen we bij een grote steile trap - het lijkt een beetje op een stairway to heaven. Daarboven ligt dus het graf van de hond Just Nuisance, waarvan we het standbeeld beneden in het dorp hebben bezocht. De wandeling naar boven is technisch gezien eenvoudig, maar behoorlijk pittig en ook hier zit er een baboon watcher. Er zijn er geen zegt hij dus starten we met de klim maar halverwege horen we het typische gebrul van baboons. We besluiten het zekere voor het onzekere te nemen en terug af te dalen. Het is tenslotte maar een stenen plakkaat en het panoramisch uitzicht over False Bay onder ons is van hier ook al mooi. 

Terug in Simons Town bellen we een Uber en rijden we terug naar Kaapstad. Bij Paul aan het Waterfront gaan we ons nog eens lekker verwennen met een theetje en een citroentaartje. Eén mooie afsluiter van alweer een prachtige dag met een gouden randje. ‘This will be a day I will always remember’. 


zondag 18 oktober 2026

Woodstock - Salt River

Het is super gezellig aan het ontbijt vandaag want er zijn nieuwe gasten toegekomen uit Brussel. We zitten gezellig te keuvelen, maar lang kunnen we het niet trekken want we hebben alweer een super leuke activiteit op de planning staan. Vandaag verkennen we twee van de meest kleurrijke en creatieve wijken van Kaapstad: Woodstock en Salt River. Deze buurten staan bekend om hun indrukwekkende streetart, rijke geschiedenis en levendige sfeer. We bellen een Uber, maar we moeten geduld hebben, want veel van de straten zijn afgesloten omdat vandaag de grote Nelson Mandela marathon gelopen wordt. We worden een beetje zenuwachtig wanneer ik een bericht krijg van de Uber chauffeur dat hij niet tot bij ons geraakt. Ik annuleer de rit en probeer opnieuw. Misschien is er een andere chauffeur dichterbij. Dat blijkt een goed idee want 3 minuten later arriveert de taxi. Nu moeten we nog uit de stad zien te geraken. In de taxi kijk ik nog eens op de papieren en kom ik tot de ontdekking dat we er pas om 10 uur moeten zijn. We hebben dus plots zeeën van tijd.  We arriveren om 9u10 dus besluiten we eerst nog iets te gaan drinken. Gelukkig is er een leuke coffee bar net over de plaats van afspraak. Om iets voor 10 ontmoeten we Chandy, die ons al opwacht voor het kleurrijke bord van BrutaI Galery. Ik had een dame verwacht maar het is een jonge gast en wij blijken de enigen te zijn die zich hebben ingeschreven. Leuk zo een persoonlijke rondleiding.

Woodstock, ooit een verouderde semi-industriële voorstad van Kaapstad met een nogal twijfelachtige reputatie waar vooral veel kleurlingen woonden, is uitgegroeid tot een bruisende wijk waar verschillende culturen samenkomen. Tussen oude arbeidershuizen en voormalige fabriekspanden vind je vandaag hippe cafés, designwinkels en kunstgalerijen. In zo een oud fabrieksgebouw - kunstgalerij starten we de wandeling. Momenteel is er niemand aan het werk, maar hier zijn verschillende lokalen waar kunst wordt gemaakt tijdens de week. Hier zien we onze allereerste graffiti. Daarna gaan we de straat op.

Kaapstad is bij uitstek een smeltkroes van culturen. De straatkunst in Woodstock is daar een perfect voorbeeld van. Met muurschilderingen op elke hoek is Woodstock een absolute aanrader voor liefhebbers van graffiti. De smalle steegjes en muren die vrij zijn gegeven voor kunst in Woodstock zijn versierd met geweldige pareltjes. Omdat veel van de mooiste kunstwerken verborgen liggen in zijstraten en steegjes, heb je hier echt wel een gids nodig. 

Tijdens de wandeling ontdekken we zowel bekende als verborgen kunstwerken en vertelt Chandy de verhalen achter de kunstenaars en hun creaties. De streetart geeft kleur en karakter aan een wijk die nog steeds sporen draagt van haar industriële verleden. We lopen langs opgeknapte huisjes in pasteltinten en langs industrieel ogende co-werkplekken. Over het algemeen is Woodstock een uiterst vriendelijke, warme en uitnodigende buitenwijk, maar het gebied is niet immuun voor de kleine criminaliteit die in Kaapstad en de rest van Zuid-Afrika voorkomt. In sommige straten zien we figuren rondlopen die we precies toch niet zouden willen tegenkomen mochten we hier alleen zijn. Een vrouw spreekt Tania aan omdat ze haar gsm in haar hand heeft. Ze sleuren het zo uit je hand zegt ze dus je moet een beetje voorzichtig zijn. Een verwittigde vrouw is er twee waard!


Man with dreadlocks is de grootste muurschildering van Woodstock. Veel van de kunst hier draagt een belangrijke boodschap uit en meestal is de natuur erin verwerkt. De baard van de man is gevormd door bladeren. De Duif symboliseert de vrijheid. 


Er zijn voor ons enkele muurschilderingen waar we uren naar zouden kunnen kijken. De mooiste is ongetwijfeld die van het luipaard. Het hele huis is bijna volledig beschilderd met zijn kop en het lijkt alsof we echt oog in oog staan met dit roofdier. Nu we een tijger hebben gezien, vraag ik of hij toevallig ook een pinguïn in de aanbieding heeft. Chandy geeft me een big smile en zegt: ‘Ofcourse! I will even give you more than one! Even later zien we 2 muurschilderingen met pinguïns. Zijn fooi gaat hiermee ineens de hoogte in!


Ook de levendige graffiti van een Afrikaanse vrouw met kleurrijke tulband en een helder gekleurde vogel vinden we prachtig.  Een andere naam voor Kaapstad is de 'Mother City' en deze vrouw stelt de moeder voor. De vogel is een nationaal symbool van Zuid-Afrika. Sowieso hou ik van muurschilderingen met realistische gezichten, meer dan kubistische of abstracte graffiti met letters. Al toont hij van die laatste ook wel enkele mooie exemplaren. Lion and girl, bij voorbeeld, die aantoont dat dieren en mensen naast elkaar kunnen leven.


Bij een school zien we nog een pareltje over het najagen van dromen. We zien een kind op een wereldbol en een papieren vliegtuigje dat een echt vliegtuig wordt. Dat waar je van droomt kan altijd uitkomen als je er maar hard genoeg in gelooft. ‘Dream bigger than ever before’ staat erbij.


De tour eindigt bij de Old Biscuit Mill, tot 1946 ook echt een koekjesfabriek. Hoewel sommige designwinkels op zondag gesloten zijn, is de populaire Neighbourgoods Market wel geopend. Tussen de lokale ambachtslieden, designkraampjes en mooie winkeltjes kunnen we nog wat rondkijken en genieten van de gezellige sfeer. Er is ook een foodhall  met eten uit verschillende landen: Koreaans, Peruviaans, Italiaans, Malay, etc … Leuk dat we nu ieder iets kunnen kiezen dat we graag lusten. Ik kies de spicy chicken with rice bij het Koreaanse kraam en Tania gaat voor een ‘roasted beef sandwich’ bij het BBQ kraam. Als toetjes passeren we nog even bij het kraampje ‘Sweet as pie’ voor een lemon merengue taartje.  Heerlijk!


We nemen daarna een Uber terug naar La Rose om nog wat te rusten want vanavond hebben we alweer iets leuks op de planning. Rond 6 uur nemen we een Uber naar restaurant Gold, in het hart van Kaapstad. Daar aangekomen worden we naar een tafeltje gebracht waar alvast 2 traditionele djembé-trommels staan. Wanneer de meeste mensen aan tafel zitten, krijgen een interactieve les over de verschillende geluiden en ritmes die een traditionele djembé-trommel maakt. Soms geraken we wel wat in de war maar eigenlijk vinden we het stiekem wel leuk.


Vervolgens laten we ons betoveren door de sierlijke Mali-poppen die rond onze tafel dansen, begeleid door drummers, dansers en zangers. We maken een spirituele reis naar het hart van Afrika terwijl we een menu met maar liefst 14 gerechten van Kaaps-Maleis tot Afrikaans verorberen. We proeven gerechten van de Tafelberg tot Timboektoe. Tijdens de maaltijd komen we meer te weten over elk gerecht en het land van herkomst, de traditionele bereidingswijzen en de rijke specerijen die elk gerecht tot leven brengen. In de 14 unieke gerechten ruiken, proeven en trachten we specerijen te herkennen. Sommige zaken vinden we lekker, andere kunnen ons niet bekoren, maar we gaan zeker niet met honger van tafel want de porties zijn alweer extreem groot.


Met liveoptredens gedurende de hele avond worden we volledig ondergedompeld in de rijkdom van de Afrikaanse cultuur. We genieten van deze traditionele avond terwijl de levendige klanken van de marimba de hartslag van Afrika laten weerklinken.Het team bij GOLD is afkomstig uit alle hoeken van het Afrikaanse continent. Ze hebben hun favoriete recepten uit hun kindertijd ingebracht bij het samenstellen van de menu's. De warmte, vreugde en sfeer van GOLD zijn te danken aan hun passie voor het delen van hun verhalen. Ze hebben meegewerkt aan het ontwerp van hun traditionele Afrikaanse kleding en hun persoonlijkheid en artistieke flair met de hand verwerkt in het verfijnde tafellinnen. 


In Zuid-Afrika na zonsondergang rondlopen is geen goed idee, dus bellen we een Uber om ons veilig naar het hotel terug te brengen. We moeten amper 5 minuten in de taxi zitten maar beter ‘safe than sorry’.


zaterdag 17 oktober 2026

Robbeneiland - Kaapstad

‘It is said that no one truly knows a nation until one has been inside its jail’ - Nelson Mandela


Na ons, alweer vroege ontbijt om half 8, reserveren we een Uber die ons om 08u15 aan de Clock Tower van het Waterfront afzet. Om 09:00 uur is de afvaart gepland naar Robbeneiland dus we zijn 3 kwartier te vroeg. Het is een voordeel dat ik niet meer moet zoeken waar we exact moeten zijn. We staan zo goed als vooraan in de rij wanneer het inschepen begint. We hebben onze tickets online gekocht bij Get your guide en onze tickets staan mooi in de app. Wanneer ze deze scannen, krijgen we echter te horen dat die code niet geldig is. We vliegen zonder pardon naar de infobalie boven. Daar bevestigen ze wat de dame beneden gezegd heeft. Gelukkig heb ik deze ochtend nog een bevestigingsmail ontvangen en heb ik gezien dat daar een telefoon nummer opstaat. Het moet gezegd, iedereen is hier super vriendelijk en behulpzaam. We mogen even plaatsnemen terwijl zij proberen om ons toch nog op de boot van 9 uur te krijgen. Om 2 minuten voor 9 krijgen we onze tickets en zetten we het op een lopen. We hebben nog maar 1 voet aan boord gezet van de grote catamaran, of de trossen worden al losgegooid. Niet goed hoor, al die stress zo vroeg op de ochtend. De grote motoren maken veel herrie en veroorzaken flink wat golfslag achter de boot. De zee is wild en er zijn sowieso al heel veel golven dus ik hou mijn hart vast. Ik heb wel tijdig een pilletjes genomen tegen de reisziekte maar of die echt  helpen, daar twijfel ik een beetje aan. Deze keer mogen we ook niet aan dek want de boot zwiept van links naar rechts en het is dan ook moeilijk om me te fixeren op de horizon. Na een goede 35 minuutjes varen, arriveren we op Robbeneiland, één van de beruchtste gevangenissen ter wereld en ik ben blij dat ik eindelijk terug vaste grond onder mijn voeten heb. Ik voel me een beetje woezie.


Op het eiland aangekomen, staan er een hoop aftandse oude bussen klaar om ons rond te leiden. We wachten strategisch op de eerstvolgende bus zodat we vooraan kunnen zitten. Een jonge zwarte dame, een jeugdigere versie van Woopi Goldberg, leidt ons met veel overtuiging rond en vertelt alles over het eiland en de apartheid. Gedurende 400 jaar werden er mensen verbannen of gevangengehouden. Begin 17de eeuw was het een strafkolonie. Later kwam er een leprakolonie en begin jaren 60 werd het eiland ingericht als zwaarbeveiligde gevangenis van het Zuid Afrikaanse apartheidsregime.  


Het verhaal over Robert Subukwe, de enige door de regering erkende politieke gevangene, die heel veel jaren in eenzaamheid werd opgesloten en toen hij ongeneeslijk ziek werd, werd overgebracht naar het vaste land om op een plaats ver van zijn hometown Graaff-Reinet te sterven, maakt veel indruk. De regering wilde hiermee voorkomen dat een politieke gevangene op Robbeneiland zou overlijden. Halverwege de bustour mogen we even uitstappen voor een toiletstop en wat frisse lucht. Ook al is dit een sombere omgeving, mijn hart maakt toch een sprongetje wanneer ik op de rotsen enkele pinguïns zie. Toch een lichtpuntje tijdens deze beklijvende uitstap. 


Vanaf het begin van de apartheid werden op Robbeneiland mannelijke, zwarte politieke gevangenen vastgehouden. Ze kregen het minimale te eten en moesten hard werken in de steengroeven. Aan het begin was er nog wel echt kalksteen nodig, onder andere om hun eigen gevangenissen te bouwen, maar toen de vraag afnam, moesten de gevangenen de stenen gewoon van de ene kant van de groeve naar de andere kant verplaatsen. Velen kregen last van hoornvliesontsteking als gevolg van het felle licht en het stof. Als je niet hard genoeg werkte kreeg je straf, zoals de isoleercel, geen eten of 6 stokslagen. Veel gevangen zijn bezweken onder het zware werk, vervolgens zijn ze ergens begraven, maar hun nabestaanden zijn tot op de dag van vandaag vaak niet op de hoogte gesteld van de locatie van hun graf.


Na de busrit worden we in de gevangenis rondgeleid door een voormalige gevangene, die ons dus over zijn eigen geschiedenis en herinneringen vertelt. Indrukwekkend en ontroerend zijn de woorden die hierbij passen. Ik blijf het gek vinden dat dit alles echt nog maar kortgeleden heeft plaatsgevonden. Hij vertelt in een grote cel, waar wel 120 gevangenen moesten leven, zijn verhaal. Dat in de eerste jaren de gevangenen geen bedden hadden, maar slechts een matje en dat ze in twee rijen van 60 man strak naast elkaar op de grond sliepen. Later toen de toestanden ook in de rest van de wereld bekend werden, zijn onder druk van het Rode kruis, bedden geplaatst. Wat ook heel veel indruk maakt is het onderscheid wat er gemaakt werd tussen zwarten en kleurlingen. Zwarten kregen geen ondergoed en minder kleding, volgens de blanken hadden zij dat ook niet nodig.


Tussen al deze gruwelijkheden gebeurde soms ook iets moois. Veel ongeschoolde gevangenen hebben hier leren lezen en schrijven van de paar mensen die dat wel konden. Dat gebeurde vooral in de badkamer, omdat daar 's nachts licht was. Het studeren moest in ploegen gebeuren vanwege ruimtegebrek en omdat er te weinig boeken waren. Iedereen deed moeite om ook een ander te onderwijzen. De leus was: ‘Each one teach one’. Dit heeft hen veel gebracht nadat ze de gevangenis mochten verlaten.


Dit is natuurlijk ook de gevangenis waar Nelson Mandela 18 jaar in een cel heeft gezeten. De meeste gevangenen zaten op een zaal, maar sommige zoals Nelson Mandela zaten 24/7 in een cel. Ze hadden een deken om op te slapen en een emmer om hun behoefte in te doen. Er waren geen ramen dus wanneer het regende, werd de cel ook gewoon nat. Onvoorstelbaar wat Mandela betekent voor de zwarte bevolking. ‘Forget the past, let's build a new future’. Dat is voor de zwarte bevolking niet zomaar een slogan, maar iets waar heilig in geloofd wordt. Wanneer onze gids afscheid van ons neemt zegt hij: ‘you can walk to the habour now to take the ferry - it is a short walk to freedom’.


Om 11:30 brullen de motoren van de ferry opnieuw en varen we terug naar Waterfront. Deze keer zitten we wel boven op het dek, maar we moeten wel blijven zitten want de boot zwiept nog steeds van links naar rechts. Eenmaal terug aan wal wandelen we naar de Anker want we willen die lekkere gemarineerde zalm nog een keertje eten. Jammer genoeg is die op dus moeten we iets anders kiezen. Ik ga voor stoofvlees en Tania voor vol au vent. We zitten tenslotte bij een Belg. Beide smaken dan ook hoe het hoort te smaken en de frietjes zijn hemels. 


Na de lunch besluiten we wat musea en galerijen te bezoeken. Het Zeitz MOCAA, zoals de volledige naam luidt, is de nieuwste trekpleister van Kaapstad. Het is het grootste museum voor Afrikaanse kunst op het continent, met schilderijen, foto’s en stellages van beroemde Afrikaanse kunstenaars. Het prachtige gebouw is een architecturale parel en staat in het hart van het Waterfront. Het lijkt alsof er een mes door boterzachte klei is gegaan. De opengelegde graancilinders geven een futuristisch effect: sommige doen dienst als liftschachten, andere hangen als stalactieten aan het plafond. Weer andere zijn over hun hele lengte verticaal doorgesneden, waardoor ovale gaten zijn ontstaan. Het zijn zachte ronde vormen, terwijl het beton zelf juist onafgewerkt en ruw is gelaten. Het museum wordt vanwege zijn architectuur ook wel het Zuid-Afrikaanse Guggenheim genoemd. Over de kunst kunnen we kort zijn: trekt op niks! Ja, ik versta die moderne kunst niet denk ik. Buiten beschouwing gelaten dat we 2 à 3 werken mooi vinden, is de rest in onze ogen gewoon lachwekkend. Dat mensen daar geld voor geven, vinden wij onbegrijpelijk. 


We sluiten de dag af met iets lekkers van Bakkerij Paul, ja ook hier in Zuid Afrika hebben ze heerlijke pistache macarons!


vrijdag 16 oktober 2026

Langa Township - Bo Kaap

‘One can fall in love with a place while knowing life there is hard for the people who call it home’


Om half 8 uur gaan we naar de prachtige patio voor het ontbijt. Yoann zit er al en geeft me een dikke knuffel wanneer we boven komen. Het is een leuk weerzien, ook met Albert de buurman die ik vorig jaar al zo’n schatje vond. We voelen ons meteen thuis. De  andere gasten schuiven ook aan. Het personeel is ontzettend lief en we worden met een glimlach begroet. Lang kunnen we echter niet blijven keuvelen, want om 8 uur moeten we al vertrekken. Vandaag hebben we met Get Your Guide namelijk een uitstap naar Langa geboekt, waar de minder fortuinlijke inwoners van Kaapstad wonen. De uitstap vertrekt vanuit het Cape Town City Centre op slechts 10 minuutjes wandelen van ons guesthouse. Daar aangekomen, blijken ze van niets te weten. Ze bekijken onze papieren en sturen ons naar een hotel om de hoek. We hebben nog 5 minuten en zetten het op een lopen. Bijna bij het hotel, hoor ik plots mijn naam. Omdat we zo gehaast zijn, denkt de man in kwestie bij zichzelf: ‘dat zullen die twee Belgen wel zijn’. Hij stelt zich voor als Goodfrey en brengt ons naar een busje, waarin al een Duitse familie zit.


Onze tour begint met een boeiend bezoek aan District Six. Deze voormalige multiculturele woonwijk in het centrum van de stad staat vooral bekend om de gedwongen verwijdering van meer dan 60.000 inwoners tijdens het apartheidsregime in de jaren 70. Jarenlang woonden er mensen met verschillende etnische achtergronden in goede harmonie met elkaar: van nazaten van slaafgemaakten tot islamitische Kaap-Maleiers en Engelssprekende Afrikaners. Tijdens de apartheid was de regering van mening dat bevolkingsgroepen strikt moesten worden gescheiden. Dat was zelfs bij wet vastgelegd. District Six was een goed voorbeeld van een plek waar mensen met verschillende achtergronden in vrede samenleefden. Dat was geen goede reclame voor het beleid van die tijd. De inwoners van District Six werden gedwongen te verhuizen naar de Cape Flats, een zandvlakte ver buiten Kaapstad. Op veel van de toegewezen plekken zijn townships ontstaan. Je moet wel van steen zijn wil je niet geraakt worden door de verhalen over District Six.


We rijden vervolgens door naar Langa, de oudste township van Kaapstad. Townships ontstonden in de jaren vijftig van de vorige eeuw, toen tijdens de apartheid zwarte Zuid-Afrikanen en kleurlingen verbannen werden uit de steden om gedwongen te gaan wonen in aparte woongebieden, weg uit het zicht van de blanke bevolking. De naam van deze township betekent ‘zon’ in het Xhosa. De township werd aanvankelijk in fases gebouwd voordat ze in 1927 officieel werd geopend. Ze werd ontwikkeld toen in 1923 de Afrikanen gedwongen werden hun huizen te verlaten en naar gesegregeerde gebieden te verhuizen. Langa is een van de vele gebieden in Zuid-Afrika die vóór het apartheidsregime waren aangewezen voor zwarte Afrikanen. Het is de oudste van dergelijke buitenwijken in Kaapstad en was de locatie van veel verzet tegen de apartheid.


In Langa wacht er een andere gids ons op. Hij woont al zijn hele leven in deze township en zal ons rondleiden. Eerst leert hij ons enkele woorden, zoal ‘molo’, wat hallo betekent. Dit zeg je wanneer je iemand alleen goedendag zegt. Zijn mensen in groep, dan zeg je ‘moluene’. ‘Encosi’ betekent dan weer dank u. De Xhosa hebben een eigen taal met het gebruik van klikgeluiden. Wij vinden het hilarisch en brengen er niets van terecht wanneer we de woorden moeten nazeggen. Langa is eindeloos groot en zonder hem zouden we hier binnen een uur hopeloos verdwaald zijn. Het township bestaat grofweg uit 3 delen: shaks, family houses of hostels en Beverly Hills. Shaks zijn golfplaten hutjes waar de mensen illegaal verblijven, family houses of hostels zijn een soort woonblokken met veel kamers waar ze met verschillende families samenleven en Beverly Hills zijn de betere woningen waar slechts 1 familie in leeft.


In een van de hostels gaan we op bezoek bij 2 dames die één kamer delen van 2 op 2 meter. Ze zitten tegenover elkaar op een bed en de gids vertelt ons dat ze elk een paar kinderen hebben. Ook zij verblijven in datzelfde kamertje. Wanneer er niet genoeg plek is, slapen ze met de andere kinderen in de living. De muren van die living vertonen schimmelplekken en de elektriciteit lijkt ons ook niet erg veilig.  We spreken niet dezelfde taal, maar toch voel ik hun ziel. Ik voel hoeveel vreugde ze in hun hart meedragen. Het doet me beseffen hoeveel wij hier hebben en hoe vaak we toch nog een reden vinden om te klagen, ons te haasten, onszelf met anderen te vergelijken, ons af te sluiten en dat allemaal over het hoofd te zien. We zijn zo gefocust op wat er hierna komt, dat we vergeten hoe we gewoon moeten zijn. Soms is het goede leven niet iets waar je achteraan moet jagen. Soms is het iets waarvoor je simpelweg je ogen moet openen. De dames zetten al in hoop op hun kinderen die wel naar school gaan en hopelijk een diploma behalen.  Buiten op de binnenplaats ligt er zoveel vuil en rommel en dat alleen al is schrijnend. Er komt nochtans wel eenmaal per week een vuilnisophaal dienst maar blijkbaar is dat niet voldoende.  


In het gedeelte ‘Beverly Hills’, zien we mooie grote huizen met voortuintjes en bloemen. Hier staan vaak ook mooie auto’s voor de deur. Dit zijn mensen die zich opgewerkt hebben en meer verdienen, maar toch in de township blijven wonen. De gids drukt ons op het hart zeker geen geld te geven op straat. We kunnen wel doneren aan de mensen die hun huis openstellen of aan de scholen in het township. In het township is er ook een Langa craft shop waar ze allerlei spulletjes verkopen van de bewoners. Schilderijen, houten beeldjes en zoveel meer. De helft gaat naar de kunstenaar zelf en de andere helft naar de gemeenschap. Op die manier kunnen ze wat geld vergaren zonder dat er gebedeld moet worden. We spenderen hier wel wat tijd want de dochter van de Duitse familie wil graag een kleedje passen. 


We bezoeken een schooltje waar de kinderen ons met hun glimmende donkere ogen nieuwsgierig, maar op een afstandje aankijken. Ze zingen enkele liedjes voor ons en worden ietsje losser wanneer ze zien dat we meedansen op het ritme. Na het optreden, ga ik wat op wandel en eenmaal buiten zie ik een kindje uit een klaslokaaltje komen. Ik trek een gek gezicht en gillend verdwijnt hij terug naar binnen, maar komt even later toch terug, samen met enkele klasgenootjes. Ze pakken mijn hand en lopen met me mee, terwijl ze giechelend aan mijn haren voelen en de camera bestuderen. Ondertussen is de rest ook buitengekomen en Tania wordt uitbundig geknuffeld door die kleine pagadders. Het kost onze gids wel wat overtuigingskracht om ons weg te rukken bij de kinderen, maar we hebben niet zoveel tijd en we moeten nog naar het armste gedeelte van de township, de shaks. 


Eindeloze rijen golfplaten hutjes doemen op vanuit het niets. Het is een vreemd gevoel om toeschouwer van armoede te zijn. Ik walg echt van rijke toeristen die met dure camera's de ellende van een ander op de foto komen zetten en nu doe ik het notabene zelf. Toch helpt dit bezoek me om de geschiedenis van dit land beter te leren begrijpen en de realiteit te zien. Onze gids verzekert ons dat we er goed aan doen om een township te bezoeken want dat het dankzij het toerisme is dat de mensen kleine verbeteringen zien in hun leefomstandigheden. Hij zegt ook dat het hier veilig is voor ons om zonder hem rond te lopen, al heb ik daar zo mijn twijfels bij. Heel veilig zou ik me niet voelen denk ik. 


De eerste keer dat je een township ziet, word je overweldigd door een gevoel van medelijden. Kleine, stoffige krotten reiken tot aan de horizon. Maar achter deze façade van golfplaten schuilt veel levensvreugde, cultuur en muzikaal talent. We laten ons verrassen door de schoonheid en de creativiteit in de townships. Bij een prachtige muurschildering houden we halt. Ze werd gemaakt door een bekende Zuid Afrikaanse graffiti artiest om bewustwording voor de vaccinatie campagne van het COVID virus te verspreiden. 


We nemen afscheid van onze Lange Township gids, die ons opnieuw bij Goodfrey achterlaat en rijden vervolgens door het Nyanga Township, wat maan betekent. Dit is gelegen aan de overkant van de straat. Hier stappen we niet uit want in tegenstelling tot Langa is het hier wel gevaarlijk. We zien het dagelijkse leven achter het raam voorbij glijden. Een man staat aan de weg eten te bereiden. Door de rook van het open vuur probeer ik te ontdekken wat het is. Het blijken geitenkoppen en mijn honger is op slag over. 


Na ons bezoek vertrekken we naar Gugulethu, voor een bezoek aan het Gugulethu Seven Memorial. Het monument is opgericht ter nagedachtenis aan de dood van zeven jonge zwarte activisten op 3 maart 1986. Het monument bestaat uit zeven massieve en krachtige granieten, standbeeldachtige constructies en staat direct op de stoep voor maximale zichtbaarheid. Het beeld bestaat uit zeven figuren uit beton en graniet. Het kunstwerk herdenkt niet alleen de dood van zeven jongeren, maar is ook representatief voor de opbouw van een natie – het combineert elementen van verval of onvoltooidheid met delen die eruitzien alsof ze net zijn gebouwd. Het werd onthuld in maart 2000 op de Dag van de Mensenrechten.


Daarna rijden we naar het Amy Biehl Memorial. Zij was een 26 jarige anti apartheid activiste. Haar auto werd op een avond aangevallen. Ze werd mishandeld en doodgestoken. Bij beide monumenten mogen we absoluut niet uitstappen zegt Goodfrey want het is hier heel gevaarlijk. 


Terug in Kaapstad besluiten we in de namiddag rond te kuieren in de wijk waar we logeren. We maakten gisteren al wel een kleine wandeling hier, maar nu de zon schijnt, wil ik Tania deze kleurrijke wijk toch nog verder laten ontdekken. Heel veel politieke statements zoals de tekst ‘Free Palestine’ die we op veel huizen tegenkomen.

Het is tijd voor de lunch. Naast de gekleurde huizen staat deze wijk vooral bekend om de Cape Malay cuisine. Deze populaire keuken is een mengeling van Zuid-Afrikaans, Indonesisch en Maleisisch. Het Bo-Kaap Kombuis dat al 18 jaar bestaat ligt op slecht 15 minuten stappen volgens Google, maar wel boven op een berg. Wanneer we omhoog willen, worden we tegengehouden door een kind van een jaar of 10. Het is daar niet veilig zegt hij. Ik geloof er niets van en wil me daar niet door laten tegenhouden, maar Tania wordt bang dus draaien we terug en besluiten een straat verder te wandelen om daar omhoog te gaan. Onderweg komen we een jong koppeltje tegen die net in hun auto wil stappen en ik vraag hen of we juist zitten en of het veilig is. Ze verzekeren ons dat het veilig is, maar we zien wel het medelijden op hun gezicht wanneer ze zeggen: ‘ yes always up up up very steep indeed - good luck’. We klimmen dus verder omhoog en omhoog. Met de tong op onze tenen bereiken we eindelijk het restaurant. Gelukkig is het open en is er plaats. Het is een kleurrijk restaurant, net als de buurt en we hebben een prachtig zicht op de Tafelberg en op Bo Kaap. We nemen een ‘savory platter’ zodat we van alles een beetje kunnen proeven. Ik heb combo 1: bobotie, kip curry en prawn curry. Tania gaat voor combo 2: bobotie - fish curry en lamscurry. Er is ook rijst en roti’s bij. Alles smaakt heerlijk en ook al zien we bij veel mensen de helft terug naar de keuken gaan vanwege de te grote porties, wij slagen er wel in alles netjes op te eten. De bediening kon beter, die is wat stroef - misschien moeten ze eens leren lachen. 


Na de lunch blijven we nog even napraten want die luxe hebben we de voorbije weken niet gehad. Even relaxen na een top maaltijd. Rond 3 uur wandelen we terug naar beneden en kuieren nog wat rond in deze geweldige buurt. In tegenstelling tot vorig jaar, zien we best veel bedelaars op bijna elke hoek van de straat, maar ook vriendelijke bewoners die trots zijn op hun gekleurde huisjes.


Tijd voor een dessertje dus gaan we op zoek naar Dip and share, een populaire en kleurrijke dessertbar bekend om decadente reusachtige desserts met Belgische chocolade. Op het dakterras zijn er sky cabanas waar het heerlijk zitten is. De gevulde pannenkoeken, decadente wafels en smeuïge koekjes zorgen voor een heerlijke geur. Ik ga voor de ‘Caramel Trouble’, een pannenkoek gevuld met banaan en overgoten met karamel en dulce de leche met een bolletje vanille ijs. Tania gaat niet zondigen en eet gewoon een klein stukje van mijn pannenkoek. Ik ben instant happy want dit is zo lekker! 


s’Avonds maken we nog een kleine wandeling door de stad op zoek naar een supermarkt, maar het duurt wel even voor we iets gevonden hebben. Enkele straten voorbij ons hotel is er een kleine buurtsuperette, maar dat is voldoende om wat water en chocolade te kopen. Het begint te schemeren en er duiken hier en daar al wat lugubere figuren op. Tijd om terug te keren naar La Rose.


donderdag 15 oktober 2026

Bo Kaap - Kirstenbosch Gardens - Waterfront

Vandaag is de laatste dag van onze groepsreis aangebroken. We hebben het gevoel dat we heel veel gezien en gedaan hebben tijdens deze trip en ons reishartje zou helemaal opgeladen zijn als we nu naar huis zouden vliegen, maar we gaan nog niet naar huis. Belange ni! We hebben gelukkig nog enkele nachten bijgeboekt zodat we nog wat extra kunnen genieten van deze prachtige stad. Het gaat wel wennen zijn om afscheid te nemen van de groep en helemaal op onszelf aangewezen te zijn, maar we hebben nog een half dagje om samen met hen te genieten van Kaapstad. 


Zuid-Afrika is, zoals ze hier zeggen, een ‘rainbow nation’. Het maakt niet uit welke huidskleur je hebt, je bent hier welkom. Hoewel Zuid-Afrika een prachtig land is met ontzettend vriendelijke mensen, goedkoop en lekker eten en een indrukwekkende natuur, is er ook een keerzijde aan het land. Eentje die de meeste mensen flink onderschatten. Ik ben best al wel wat gewend op het gebied van reizen maar één ding dat hier echt wel het meest frappant is: het enorme verschil tussen arm en rijk. Dat heeft grotendeels te maken met de Apartheid waarbij de verschillende rassen in het land van elkaar werden gescheiden. Ieder ‘ras’ kreeg z’n eigen gebied. Waarbij de witte mensen het meeste profiteerden. De kloof tussen arm en rijk is hier nog heel erg duidelijk en dan vooral in Kaapstad. Hier zien we werkelijk op iedere straathoek zwervers. Dat is gewoon de dagelijkse realiteit en ook al zeggen de inwoners dat dat na verloop van tijd went, ik hoop dat ik er nooit ongevoelig bij word.


Hugo zet ons af aan Bo Kaap, de thuisbasis van moskeeën, kruidenwinkels en de kleurrijkste huizen van heel Kaapstad. Deze kleurrijke, Islamitische wijk met smalle steile straatjes en felgekleurde huisjes uit de 17e en 18e eeuw klampt zich vast aan de helling van Signal Hill, in de schaduw van de iconische Tafelberg en Lion’s Head. Wanneer we er toekomen is het nog bewolkt en de winkels zijn nog niet open. Ik begrijp dus goed dat onze medereizigers maar bedenkelijk kijken wanneer we hen zeggen dat dit de wijk is waar wij de komende week gaan logeren. Ik ken de wijk redelijk goed van vorig jaar want we hebben er dagelijks rondgelopen en ik ben er nog steeds verliefd op.

De wijk is nog steeds voor 90% islamitisch, terwijl andere culturen de overige 10% uitmaken. Dit komt doordat de meeste huizen al tientallen jaren in dezelfde families blijven. Wat ooit gold als een slechte buurt die alleen geschikt was voor slaven, is tegenwoordig een uiterst gewilde woonplek. Yoann vertelde ons vorig jaar al dat de toenemende populariteit van Bo-Kaap bij 'buitenstaanders' ervoor zorgt dat de huurprijzen stijgen, waardoor de wijk voor de oorspronkelijke bewoners niet langer betaalbaar is. 


Bo-Kaap ligt centraal in de stad en heeft als extra troef de Tafelberg als achtergrond. Interessant genoeg is de Tafelberg meer dan alleen een mooie achtergrond. Veel huizen in Bo-Kaap zijn oorspronkelijk gebouwd met stenen en klei van de berghelling zelf. De iconische berg ligt echter in de mist dus ik heb iedereen beloofd om een foto te gaan nemen later deze week wanneer het zonnetje schijnt.

De oorsprong van de gekleurde huizen brengt ons terug naar een zwarte pagina uit de geschiedenis. In de tijd van de slavernij was het voor de slaven verboden om kleurrijke kleding te dragen. Na de afschaffing van de slavernij schilderden de mensen uit de Bo-Kaap hun huizen dan ook meteen in een vrolijke kleur. Zo ontstond deze kleine wijk met huizen in alle kleuren van de regenboog. Na de ramadan krijgen de meeste huizen weer een nieuw likje verf waardoor de wijk haar kleurrijke uitstraling behoudt. 


Na een korte wandeling, rijden we verder naar de Kirstenbosch Gardens. De Nationale Botanische Tuin wordt vaak omschreven als 'de mooiste tuin van Afrika' vanwege de prachtige uitzichten en de uitzonderlijke biodiversiteit van de Kaapse flora. Het is ook de thuisbasis van veel vogels en andere dieren. Hugo weet enorm veel over alle planten en bloemen en leidt ons rond. 


Een loopbrug biedt de mogelijkheid om op boomniveau te genieten van vogels. Weggestopt tussen zo'n 430 bomen, bevindt zich de Boomslang, een gebogen, verhoogde loopbrug die een prachtig uitzicht biedt over de tuinen en de bergen van Kaapstad. De loopbrug werd gebouwd ter herdenking van het 100-jarig jubileum van Kirstenbosch in 2013, maar werd vanwege vertragingen in de bouw pas in mei 2014 voor het publiek geopend. De kronkelige structuur baant zich een weg door de bomen, zoals de inheemse boomslang waarnaar hij is vernoemd en die zelden op de grond wordt gezien. Van hier heb je een prachtig zicht op de boomtoppen en de tuinen eronder.


De botanische tuin met protea’s, palmvarens, fynbos, aloë’s en 7.000 andere Zuid-Afrikaanse planten- en bomensoorten is een oase van rust midden in de stad. Het is alsof de helling van de Tafelberg al het stadslawaai opslokt. Zelfs als je normaal gesproken niet zo van tuinen houdt, is het moeilijk om niet onder de indruk te zijn van de enorme omvang en schoonheid hier.


We gaan nog voor de laatste keer samen iets drinken en dan is het tijd voor onze reisgenootjes om naar de luchthaven te vertrekken. Er komen uiteraard traantjes, vooral bij mij en Mieke. We hadden een super leuke groep en we gaan iedereen heel erg missen, maar Mieke toch het meest. Je hebt zo van die mensen die je tegenkomt en waarmee het instant klikt. We zijn er dan ook van overtuigd dat het geen vaarwel is maar tot ziens. We zwaaien iedereen uit en gaan dan terug de tuinen binnen om het laatste stukje van Kirstenbosch te ontdekken. We zijn nu helemaal op onszelf aangewezen. Ondertussen schijnt de zon uitbundig en is de lucht blauw.


Rond half 2 nemen we een über naar het Victoria en Alfred Waterfront. Dit is zonder twijfel de meest toeristische plek van de stad. Hier scheren meeuwen voorbij, liggen zeehonden loom in de zon en geven passerende jachten je het gevoel dat je overal ter wereld zou kunnen zijn. De grote pinguïn met duikuitrusting kijkt uit over de kade en een man in de klokkentoren houdt nauwlettend de schepen in het oog. Af en toe sluit de brug om deze door te laten.


We hebben honger en zetten ons op het terras van Capetown Fish Market voor die lekkere gamba’s die Dee Dee hier vorig jaar gegeten heeft. Ik was toen ziek en kon er toen niet van genieten. Ze heeft gelijk, ze zijn hemels en super goedkoop bovendien. We krijgen elk 12 gamba’s perfect gebakken in een citroen boter saus met frietjes en rijst en betalen slechts 32 euro met drank bij! Na de lunch wandelen we nog wat rond, bezoeken enkele winkeltjes en de overdekte souvenir markt.


Rond half 5 nemen we een über naar het President Hotel om onze bagage op te halen. Omdat ik vorig jaar zo gecharmeerd was van La Rose B&B in Bo-Kaap, hebben we voor de komende dagen opnieuw bij Yoann geboekt. Vooral de locatie in een kleurrijke en 'echte' buurt vind ik geweldig. La Rose is een thuis ver van huis, waar mensen als gast aankomen en als vriend vertrekken, staat er op hun website en dat kan ik zeker bevestigen. Hopelijk denkt Tania er hetzelfde over. We nemen een Uber naar Rose Street en checken in. We worden begroet door een vriendelijke dame die ons onmiddellijk omhelst en rondleidt. De kamer is ruim en schoon; de inrichting is eenvoudig en pretentieloos, maar wel smaakvol. Enig nadeel is dat het aan de straatkant ligt en dat we de muezzin om de zoveel tijd horen zingen. Ja we zitten hier tussen de moslims. 


We gaan deze avond niet meer op stap want morgen staat er een vroege uitstap op het programma. We gaan op ontdekking in het Lange Township.