maandag 28 september 2026

Johannesburg - Pretoria


‘If you only visit two continents in your life, visit Africa twice’


Ik ben dus al goed bezig! De vlucht verloopt voorspoedig, al kan ik er niet echt veel over vertellen, want ik heb ze niet volledig bewust meegemaakt. Al snel was ik in dromenland. Gelukkig geen ernstige turbulentie of andere vliegnarigheid. Rond 4u35, na een vlucht van 9 uur, tikken de wielen van ons vliegtuig het Afrikaanse continent aan. We zijn dan nog maar in Addis Abeba en moeten hier 3 uurtjes wachten op de aansluitende vlucht naar Johannesburg. Die vertrekt om 8u45. Ondanks de armoede in dit land, baadt het luchthavengebouw in weelde. De marmeren vloeren zijn extra opgeblonken wat de vele moslims hier ten goede komt. Her en der spreiden ze hun matje uit om te bidden.  Vanuit onze ligstoeltjes aanschouwen we hun gebed.


























De vlucht is op tijd en voor we het weten, mogen we de bus op. We zijn in Afrika, dus dat betekent chaos. We rijden best een tijdje rond op de tarmac om dan halt te houden voor het verkeerde vliegtuig.  Gelukkig wordt de fout op tijd ingezien of we vlogen misschien naar Timboektoe. Ter verdediging van de arme chauffeur …. er staan zo’n 6 identieke vliegtuigen van Ethiopian Airways op een rijtje. Rond 9 uur zitten we eindelijk in het vliegtuig op weg naar onze eindbestemming. Naast ons weer wat chaos want lezen is niet de sterkste kant van de Afrikaners blijkbaar. T’is ook moeilijk als je het ABC niet kent. 4,5 uurtjes later om 13u30 lokale tijd komen we aan in Johannesburg. 


Johannesburg ligt in dezelfde tijdszone als België dus er is geen tijdsverschil en bijgevolg ook geen jetlag. Heerlijk! Al moet ik zeggen dat een rechtstreekse vlucht toch wel leuker is. We geraken snel door de douane zonder gedoe maar onze bagage laat een beetje op zich wachten. We worden hartelijk begroet door onze plaatselijke, enthousiaste, rondborstige gids Hugo. ‘Welkom’, zegt hij in het sappige Zuid-Afrikaanse dialect met zijn brede glimlach, die straks ongetwijfeld de rode draad van deze reis zal vormen. Het is weer even wennen want alweer een tijdje geleden dat ik met een reisgezelschap op stap ben. Maar alles heeft zijn voor- en nadelen en het is ook best leuk om gewoon ‘mee te kunnen’ zonder zelf alles te moeten regelen. Iedereen moet nog geld wisselen of uit de muur halen dus het is bijna half vier wanneer we het luchthavengebouw verlaten.


We maken meteen kennis met onze ‘huiskamer’ voor de komende 3 weken, een splinternieuw klein busje met grote ramen die allemaal open kunnen. Omdat Johannesburg geen toeristvriendelijke stad is, rijden we onmiddellijk door naar Pretoria en houden we die ramen toch nog maar even gesloten.  Trouwens, eens ‘en route’, denken we even dat we op het verkeerde continent zijn uitgestapt.   De wegeninfrastructuur die iedereen erbarmelijk verwacht, is hier echt geweldig.   Daar kunnen ze in België nog iets van leren.   We krijgen dus geen instant ‘This is Africa’ gevoel. Toch voelen we ons direct thuis, vanwege de files en de regen die plots met bakken uit de hemel valt. Pretoria wordt de stad van de jacaranda genoemd. We zijn een beetje te vroeg want de bomen staan nog niet in bloei. Binnen een tweetal weken kleurt de stad paars.


Vrijwel onmiddellijk worden we ondergedompeld in de geschiedenis van Zuid-Afrika met een bezoek aan het granieten Voortrekkersmonument 3 kilometer buiten de stad. Het massieve bouwsel is nationaal erfgoed en bulkt van de symboliek en in wezen beeldt het twee belangrijke mijlpalen uit: de Grote Trek (1835-1854), 15000 voortrekkers die over berg en dal het binnenland introkken en de Slag bij Bloedrivier (1838) waar ze de zoeloes een serieuze pandoering gaven. Het mag dan nu vooral een toeristische trekpleister zijn, voor Afrikanen zal het altijd wel iets meer blijven betekenen. Vanuit elke richting in Pretoria is dit baken van hoop te zien. 


























Voor we het voortrekkersmonument betreden, moeten we eerst 299 traptreden omhooglopen. Deze trap leidt naar de ingang van het voortrekkersmonument. Op de bovenste trap is een sierlijke en symbolische ingangspoort en een muur die het monument omringd. Het vierhoekige granieten gebouw is werkelijk imposant want het is maar liefst 40 meter hoog. Het ligt in een tropische tuin omgeven door prachtige planten, bomen en bloemen. 


























Het bronzen standbeeld van de voortrekker oermoeder met kind staat voor de toegangspoort. Dit is het eerste standbeeld in de geschiedenis van Zuid-Afrika, een hulde aan de voortrekkersvrouw en een symbool voor de cultuur.  Wanneer we voorbij het beeld zijn, betreden we het monument en staan we plots in de adembenemende heldenhal met een marmeren vloer en marmeren beelden die in de muren zijn uitgehouwen. De marmeren muurgravure is 92 meter lang en beeldt de belangrijkste gebeurtenissen van de grote trek en de slag bij de bloedrivier uit. 


























De marmeren vloer is bedekt met verbredende cirkelvormige patronen. Het stelt watergolven voor die ontstaan nadat er een steen in het water wordt gegooid. Het wordt breder en breder en vult ten slotte de hele Heldenhal. Het symboliseert ook de verspreiding van de geest. 


























Boven de Heldenhal is er een koepel met in het midden een grote ronde opening. Wanneer we naar beneden kijken, zien we de beroemde cenotaaf, het centrale middelpunt van het monument, het graf zonder botten. Het lege graf symboliseert de laatste rustplaats van de voortrekkers die tijdens de Grote Trek zijn omgekomen. Met een ‘hijsbakkie’ kunnen we naar boven. Van op de galerij hebben we een mooi uitzicht over de tuin van het monument en de omgeving van Pretoria. Jammer van de regen!


















Waar de stad overgaat in de natuur, begint de wildernis. We logeren voor 1 nachtje in het Zebra Nature Reserve, een kleinschalig hotel, verscholen in een bosrijke, schilderachtige omgeving op een groot domein, waar we morgenvroeg zicht hebben op zebra’s en gnoes. Nu is het een beetje te donker om iets te zien. We genieten al een eerste maal van de Zuid-Afrikaanse gastvrijheid. Bij aankomst krijgen we een mierzoet welkomstdrankje en een versgebakken muffin.  Daarna worden we naar de bungalows gebracht. In tegenstelling tot onze reisgenoten, zien wij op het eerste gezicht geen vieze beestjes. Een kikker, kakkerlak en kever passeerden al de revu maar bij ons voelen ze zich voorlopig niet welkom. Gelukkig maar! De kamers zijn een beetje afgeleefd en aan opfrissing toe, maar de lodge zelf en de  gemeenschappelijke ruimtes zijn heel tof. Gezellige bar en restaurantje en het personeel is hier super vriendelijk en behulpzaam! En dan hebben we het nog niet gehad over onze eerste Afrikaanse maaltijd - heerlijk! Wel gevaarlijk zo’n buffet. Voorgerecht en dessert laat ik aan mij voorbij gaan, maar ’t’is nog maar de eerste dag natuurlijk.

‘s Avonds zijn we moe van alle eerste indrukken, maar ik moet toch nog even mijn sociale media up to date brengen. In polar steps zorg ik alvast voor de eerste kleine collage van mooie foto’s en in deze blog pen ik al onze avonturen neer.We zijn wel blij in ons bedje te kunnen kruipen en het licht uit te kunnen doen. 


zondag 27 september 2026

Brussel - Addis Abeba

‘Those who live see a lot. Those who travel see more. For real life begins outside your comfort zone—where every horizon tells a new story’


Ik haat het wanneer de wekker ’s morgens afgaat, maar vandaag klinkt het me als muziek in de oren want ‘I am going back to Africa!’ Er wordt wel eens gefluisterd dat Afrika verslavend werkt, eens men het bezoekt, keert men er onveranderlijk terug. Ik kan die stelling zeker beamen, want ik kijk er enorm naar uit. Deze keer ga ik op een ontdekkingsreis door een minder toeristisch deel, het Noordwesten en in tegenstelling tot vorig jaar, niet met een selfdrive, maar met de reisorganisatie Hobo. Sinds dit jaar moeten reizigers een ‘SARS online traveller declaration’ invullen dus daar hou ik me deze ochtend alvast even mee bezig. 


We vliegen met Ethiopian Airlines om 21u25, maar we hebben al afgesproken om half 7 met ons reisgezelschap. Dee Dee brengt ons naar Zaventem. Eenmaal in de vertrekhal zoeken we naar bekende gezichten, want we hebben al kennisgemaakt met onze reisgenoten tijdens de pré reismeeting in augustus. We zijn met 16, inclusief onze reisleidster An. Van zodra ze alle reizigers heeft afgevinkt, gaan we naar de check in en drop off van de bagage en we geraken ook vlot door de security. Nog even iets drinken en onze sandwiches opeten om de tijd wat te doden en dan eindelijk … boarding! Zonder vertraging vertrekken we rond half 10.  



maandag 21 september 2026

Garderen zandsculpturen - Nijmegen

We checken uit rond 10 uur want vandaag is ons laatste dagje in de Veluwe aangebroken. Dicht bij ons logeeradresje ligt Garderen waar ieder jaar zandsculpturen tentoongesteld worden. We twijfelen eerst nog of we er wel zouden stoppen, maar vermits in de meeste steden van Nederland op maandag alles maar in de namiddag open gaat, besluiten we gewoon even een kijkje te gaan nemen. Iets dat we ons niet beklagen! Het thema voor 2026 is het Romeinse Rijk in Zand. De ingang zelf is al prachtig. Deze leidt naar een beeldentuin met houten sculpturen.


























Achter de beeldentuin ligt het domein met de zandsculpturen. We betalen 15€ inkom en vinden dat initieel best wel veel, maar eenmaal binnen, begrijpen we de toegangsprijs volkomen. Het is hier ongelofelijk groot en de sculpturen zijn werkelijk prachtig. Het werk dat hierin gestoken werd, is immens. Al die prachtige details, we komen ogen te kort.


























De sculpturen vertellen over het dagelijks leven in Rome, de legendarische veldslagen, het vermaak in het Colosseum en de geniale bouwkunst van aquaducten en wegen. We worden meegenomen naar de tijd van de gladiatoren, keizers en grootse bouwwerken. We staan oog in oog met Julius Caesar, Marcus Aurelius en andere historische figuren die hun stempel drukten op de geschiedenis. Ieder jaar kunnen bezoekers genieten van 9 maanden zandkunst. Daarna wordt alles afgebroken en beginnen ze opnieuw.


























Het speciale zand wordt los gestort en in houten bekistingen laagje voor laagje aangestampt. Daarna worden de bekistingen gestapeld tot het volume bereikt is. Wanneer de bekisting verwijderd wordt, zetten de Internationale zandkunstenaars de grote lijnen van het ontwerp op het zand en scheppen ze de ruwe vormen in het blok. Daarna pas gaan ze detailleren en komen de kunstwerken tot leven. Wanneer het sculptuur klaar is, wordt er een laagje lijm overheen gespoten ter bescherming. 


























Het parcours loopt zowel door de mooie tuin als via aangelegde paden binnen in een grote hal. Ook de aankleding is prachtig en volledig in Romeinse stijl. Overal zijn er Romeinse zuilen te zien die ook volledig in zand zijn opgetrokken. Borden met waarschuwingen dat we de kunstwerken niet mogen aanraken staan subtiel opgesteld, want de materie is natuurlijk heel kwetsbaar. Hier en daar is er dan ook al wel wat zand verdwenen, want alles staat hier al opgesteld sinds eind maart. De zandsculpturen zijn nog te bezichtigen tot begin januari.


























Aan het eind van de tentoonstelling kijken we nog naar een film over hoe alles hier tot stand is gekomen. We denken dat dit het einde is, maar niets is minder waar. Daarna zijn er nog enkele zalen waar de mooiste stukken van vorig jaar tentoongesteld worden. Het thema in 2025 was Amsterdam. We dachten even snel binnen en buiten te lopen, maar wanneer we op de klok kijken, zien we dat we hier maar liefst 2,5 uur hebben rondgelopen. We zijn heel blij dat we vanmorgen toch beslist hebben om te stoppen.


























Het is middag voorbij en we rijden verder naar Nijmegen, waar we gaan lunchen. Dat houdt best wel wat in want ik ben zoals steeds wel een beetje moeilijk. Overal zijn er wel kroketten, maar die heb ik gisteren al gegeten. Op de lunchkaarten staan meestal zo’n vreemde dingen in Nederland. Na een stoelendans bij 3 etablissementen, eindigen we ergens op een terras waar ze wel lekkere dingen hebben. Na de lunch kuieren we nog wat door de smalle straatje die bol staan van de vintage winkeltjes. Veel tweedehandswinkeltjes en muziekwinkels waar ze nog veel vinyl platen verkopen. Yves kan er zijn hartje ophalen!


























Hoog boven alles, in het historisch centrum, steekt de Stevenskerk uit. Het is letterlijk het hart van de stad. Binnen is het gebouw nog indrukwekkender met zijn ranke zuilen en het monumentale königorgel. Het zonlicht valt door de gotische ramen naar binnen. In de steegjes zien we ook af en toe wat mooie graffiti. Rond half 6 rijden we terug naar huis.