Na het geweldige ontbijt vertrekken we naar
Fez waar we met onze gids de middeleeuwse medina verkennen. De Medina van Fes
is de grootste ter wereld. Een wirwar van honderden straten en steegjes waar
auto’s niet kunnen komen. Het is de meest authentieke islamitische stad van de Magreb
en een echt doolhof. De volledige medina is opgetrokken uit gele muren en alles
lijkt dus op elkaar. Het wemelt er van de mensen, fietsen, pakezels, handkarren
en kleine winkeltjes. Hier verkoopt de plaatselijke bevolking zijn waar en
spelen kinderen nog op straat. Af en toe wordt
er “ballek! Ballek!”(uit de weg) geroepen. Dat is het sein om snel weg te
duiken in de winkeltjes of je tegen de muur te drukken. Ezels, beladen met
enorme lasten komen je tegemoet door de nauwe straatjes. Hier
en daar zien we wel de schrijnende armoede en de geur is soms niet te harden. Marokkaanse
families zitten te picknicken in hun eigen vuil. Overal plastic en zelfs
gedumpt bouwafval, wat een zonde. Hier worden ook de meest bizarre dingen te
koop aangeboden. Ja, deze souks zijn op z’n minst gezegd kleurrijk te noemen. De
belangrijkste attractie in Fez zijn de leerlooierijen waar nog op een
ouderwetse manier leer wordt gekleurd. We krijgen allemaal enkele muntblaadjes
om tegen de neus te drukken want de geur van de verfbaden is verschrikkelijk.
In de mega grote verfpotten wordt het geitenleder manueel gekleurd en dat biedt
een adembenemend schouwspel. Het lijkt me een heel zwaar beroep en ik heb echt
wel te doen met die mannen die vele uren na elkaar tot aan hun knieën in de bakken
met verf en chemicaliën staan te trappelen. En dat bij temperaturen van om en
bij de 30°C! De kleurenpracht is wel indrukwekkend. Uiteraard worden hier ook
prachtige lederen handtassen en kledij gemaakt. Maar het populairste souvenir
van Marokko is toch wel de ‘babouche’, de Marokkaanse pantoffels waar iedere Marokkaan
mee door de straten loopt. We kopen enkele exemplaren voor thuis. We bezoeken nadien
nog een weverij waar ze prachtige stoffen weven van zijde en katoen. Voor de
gelegenheid word ik even omgevormd tot berbervrouw. Het is verschrikkelijk heet
met al die lagen kleding – hoe de dames dat hier volhouden is voor mij een raadsel.
Ik ben in ieder geval blij dat ik alles terug kan uittrekken. In de smalle
straatjes van Fez komen enkele muzikanten ons tegemoet. Inge moet er deze keer
aan geloven. Ze krijgt de gelegenheid om de plaatselijke dans even te oefenen.
Na de ontspanning is het tijd voor wat cultuur en bezoeken we het koran
internaat. Dit werd gesticht in 1320 onder sultan Abou Saïd. Sierstukwerk,
schrift ornamenten en snijwerk van cederhout bedekken de wanden en dragende
delen van een prachtig binnenhof. Dit is puur genieten. De ornamenten en
geschriften zijn van een onovertroffen fijnheid en ook de mozaïeksteentjes passen
moeiteloos in elkaar. Vanaf het dak hebben we
een prachtig uitzicht op het binnenplein van de Karaouine moskee ernaast en slaan
we even het leven op de terrassen van de stad gade. We
kijken daarna nog even binnen in de moskee waar enkele moslims zichzelf
reinigen alvorens de eigenlijke moskee te betreden. ’s Middags lunchen we in een
oud paleis waar we weer lekkere Marokkaanse gerechten geserveerd krijgen.
Vandaag is het tajine maar jammer genoeg is het er eentje met lamsvlees. Veel
eet ik dus niet maar het brood is heerlijk en dat vult de maag. We leren beetje
bij beetje de groep kennen en iedereen valt goed mee. Brigit, een vrouw uit
Zoersel lijkt ons echt een toffe madam en vermits ze alleen reist, sluit ze zich
bij ons aan. Na de lunch rijden we nog even voorbij de prachtige stadsmuren
waar we de Bab Baoujeloud bewonderen, een poort met 3 bogen en een prachtige
versiering van faiencetegels. Het is via deze weg dat toeristen de exotische
wereld van de medina betreden. We rijden vervolgens naar een hoger gelegen uitkijkpunt
om een idee te krijgen hoe groot de medina van Fez wel is. Het is geen wonder
dat toeristen wordt afgeraden om deze stad op eigen houtje te verkennen. Zelfs
met een gids moet je goed opletten dat je niet verloren loopt. Onderweg naar
het hotel stoppen we nog even bij enkele kunstnijverheidsateliers. Hier zien we
hoe de prachtige stenen tajines gemaakt worden en hoe schalen en kopjes bedekt
worden met kleine mozaïeksteentjes. Bij aankomst in het Hotel Sofia wacht ons
een heus feestmaal. We eten de beroemde pastilla, een rijkelijk gevulde pastei van o.a. duivenvlees, eieren,
amandelen, rozijnen, citroen, suiker, saffraan en kaneel. Hier heb ik zo naar
uitgekeken en ze is echt hemels! Verder staat er ook nog harrira op het menu.
Een gebonden soep met linzen, rijst en kikkererwten. En last but not least een
tajine met kip en citroen. Uiteraard is er ook veel muziek en wordt er gedanst.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten