woensdag 22 juli 2026

Müllerthal Trail E1

De nacht was rustig en om 7u30 zijn we wakker. We hebben besloten geen ontbijt te nemen in het hotel want dat kost maar liefst 25 euro. Bij de plaatselijke Delhaize halen we wat pistoletjes voor deze ochtend en voor de lunch. Vol goede moed rijden we naar het beginpunt van wandeling E1. Er zijn 2 verschillende mogelijkheden om deze luswandeling te starten: in Echternach aan de basiliek of op de parking van Huel Lee in het dorpje Berdorf. We hebben gelezen dat het daar het gemakkelijkste is om gratis te parkeren, dus besluiten we dat te doen. De wegmarkering bestaat uit de naam van de wandeling, namelijk E1. Simpel, zou je denken maar we kennen onszelf … dat is voor ons zeker geen garantie om niet verloren te lopen. Op hoop van zegen! De wandeling E1 bedraagt 13,5 km en verbindt de oudste stad van Luxemburg met twee van de meest indrukwekkende geologische hoogtepunten van de regio: de Wolfsschlucht-kloof bij Echternach en de Huel Lee-grot in Berdorf.

 

Vol goede moed gaan we op pad, goed uitgerust met wandelstokken en een rugzak vol drinken, eten en koekjes. Ik heb altijd een haat-, liefdeverhouding met een rugzak. Hij geeft weliswaar een zekere ondersteuning die ik ongetwijfeld nodig heb om mij voort te stuwen doorheen de hele tocht maar eigenlijk wandel ik liever zonder. Wandelen in heuvelachtig gebied is een heel stuk zwaarder dan in ons vlakke landje, zeker als je zoals ik geen goede conditie hebt. We mogen ons dus niet blindstaren op de kilometers want hier tellen de hoogtemeters ook mee! We gaan het bos in en lopen zo onmiddellijk langs één van de absolute highlights van deze wandelroute: Huel Lee. Dit zijn een reeks rotsformaties en grotten waar inwoners vroeger molenstenen uithakten om hun graan te malen. Wanneer we omhoogkijken, zien we nog steeds de ronde uitkervingen van de molenstenen. Een van deze grotten doet tegenwoordig dienst als theater, de andere zijn gewoon leuk om in rond te neuzen. De grot werd volledig uitgesleten door het water en heeft hele mooie golvende tekeningen, het lijkt wel kunst. 


























Nadat we ons vergaapt hebben aan de grotten van Huel Lee begint de wandeling pas echt, langs gigantische rotsformaties, over houten bruggetjes en door de bossen. We komen ogen te kort. Deze plek maakt ons stil: bijzonder en onbeschrijfelijk mooi. Al snel hoor ik mezelf zeggen, ‘WOW! Niet normaal!’. Zo schoon dat ik soms struikel tijdens het wandelen, omdat ik te veel aan het rondkijken ben. We wandelen op een rustig tempo maar het vergt heel wat van mijn kuiten en uithoudingsvermogen. Maar de moeite wordt beloond met prachtige uitzichten. In de rotsen zien we soms figuren, zoals bij voorbeeld een oerang oetang. 


























Nog maar net begonnen en ik ben al meteen goed bezweet. Diverse trappen voeren ons door smalle korte kloven naar boven en beneden. De vele lichte en donkergrijze rotsen torenen indrukwekkend boven de bosgrond uit. De combinatie van het bruine pad en de vele tinten groen van het mos op de bomen en rotsen geven het geheel een fantastisch mooi decor om doorheen te wandelen. We moeten wel goed opletten, want soms groeien de wortels van de bomen over het wandelpad. Zeker het afdalen vergt de nodige concentratie. We worden regelmatig ingehaald door ervaren wandelaars. Wij doen het echter rustig aan. Om het landschap goed op ons in te kunnen laten werken, stoppen we af en toe. Gelukkig hebben we de hele dag uitgetrokken om de route te lopen dus tijd genoeg om op ons gemak van de schitterende omgeving te genieten. Mede omdat boven ons een aardig dicht bladerdak woekert van de omringende bomen, voelt de omgeving wat koeler aan. We lopen er behoorlijk afgesloten van de buitenwereld in een prachtige omgeving.  Langzaamaan vind ik mijn eigen tempo.




























We dalen verder af in de kloof van de Aesbech, een helaas volledig uitgedroogd riviertje op dit moment, waardoor het moeilijk voor te stellen is dat zij medeverantwoordelijk is voor de erosie van de kalksteenrotsen. Nog moeilijker voor te stellen is dat hier twee jaar eerder een zware storm zorgde voor wateroverlast en modderstromen, waardoor dit deel van de Müllerthal Trail een hele tijd ontoegankelijk is geweest. De houten bruggetjes zien er alleszins splinternieuw uit. Het is heel fijn wandelen over de paadjes tussen de rotsen,


























Na een tijdje komen we aan bij de tweede highlight van deze wandelroute: de Perekop, een dertig meter hoge rots! We moeten hiervoor wel even de straat oversteken. Daarna klimmen we omhoog via een trap door een smalle kloof in de rots. Ik ben eerst een beetje bang want ik heb best last van wat claustrofobie. Ik twijfel want rechts van de rots kan je ook via een gewoon paadje omhoog. Mijn nieuwsgierigheid wint het van de claustrofobie en het valt best mee. We kunnen dan ook doorlopen, want er is verder niemand. Hierboven is het ideale moment voor een kleine pauze. Het landschap is op korte tijd ingrijpend veranderd en lijk ons meteen mijlenver van de bewoonde wereld verwijderd te zijn. We kijken langs de grillige rotsen de diepte in. 200 tot 250 miljoen jaar geleden, lag deze regio nog onder water. Zand en andere deeltjes verhardden na een tijdje tot zandsteen en dolomiet. De rivieren en beken sleten de poreuze rotsen nadien uit en zo ontstonden de merkwaardige rotsformaties, kloven en spleten.


























Na een klein half uurtje, klauteren we weer naar beneden en vervolgen we de route aan de overkant van de weg. We denken even dat het gedaan is met de rotsen-fun maar het mooiste stukje moet nog komen. Niet veel later komen we alweer een unieke rotsformatie tegen, genaamd ‘Labyrinth’, omdat de rotsen, welja, een beetje op een labyrint lijken. Echt, de natuur die kan toch wonderlijke dingen creëren. We wandelen door een aantal smalle gangetjes waarbij we zelfs een beetje verdwalen tussen de rotsen. Maar geen nood, het pad blijft meer dan duidelijk. 


























Wanneer we andermaal een kloof passeren, besluiten we er toch even in te lopen. Ik maak me de bedenking dat Luxemburg ongetwijfeld vele grotten heeft waar onfortuinlijke wandelaars zonder zaklamp aan een gruwelijk einde zijn gekomen en waar het sindsdien spookt. Als een moderne Robinson Crusoë, voorbereid op elke noodsituatie, haal ik mijn zaklamp boven. Zo hebben we ten minste toch een beetje licht. Maar halverwege hou ik het toch voor bekeken en draai ik terug, blij weer vanuit de spelonken der aarde in het welkome daglicht te komen. Anneke wandelt nog wat verder, maar het loopt dood dus komt ook zij snel terug. Een vriendelijke jongen neemt nog wel even een foto van ons beide.


























Even verderop, zien we een trap, uitgesleten in de steile rotswand de hoogte ingaan. Onze wandeling gaat gelukkig gewoon rechtdoor waardoor we deze links kunnen laten liggen. Dat is echter buiten Anneke gerekend. Zij wil wat graag naar het uitzichtpunt. Ik zeg: ‘Be my guest … ik blijf hier wel wachten tenzij je van bovenaf roept dat het écht de moeite is’. Wat had je gedacht? Het is prachtig, roept ze van boven. Allé dan! Ik raap alle moed bijeen en begin te stijgen. Het moet gezegd , boven is er inderdaad een heel erg mooi uitkijkpunt. We klauteren met ons twee in een grote houten ligstoel en besluiten hier te lunchen. Na een twintig minuutjes rust, dalen we weer af. 


Langzaamaan merken we op dat we ondertussen best wat in hoogtemeters gestegen zijn. Deze moeten we uiteindelijk opnieuw naar beneden om in Echternach te geraken en die afdaling begint eigenlijk achter de hoek, wanneer we de Wolfsschlucht-kloof tegenkomen op onze route. Deze natuurlijke kloof is lang geleden gevormd door grondverschuivingen en de E1 wandelroute gaat er dwars doorheen. We kijken in een kloof waar twee wanden bijna loodrecht omhooggaan en dalen langzaam af. Ongelooflijk spectaculair om te zien.




























Uiteindelijk komen we dan aan op een plateau boven Echternach, waar de stevige afdaling richting de stad begint. Uiteraard nemen we eerst nog een mooie foto van het zicht over Echternach. In de verte zien we de basiliek en de oude abdij waar Echternach zo om bekend staat. Hierna begint een reeks trappen tot we in Echternach aankomen.  Het dalen is nefast voor mijn knieën en het lijkt wel of ze steken er met 1000 messen in. Eindelijk beneden, wandelen we door de winkelstraat tot in het oude centrum, waar we uiteindelijk bij de basiliek komen. We ploffen neer op een terras voor een fris drankje. We zitten nu in de helft en moeten beslissen of we verder wandelen of morgen het andere stuk van de wandeling doen. Ik ga er niet over liegen, ‘t is afzien, maar opgeven staat niet in mijn woordenboek. 


Het is even zoeken hoe de wandeling nu verder gaat, maar een vriendelijke jongen op de dienst voor toerisme, zet ons terug op de juiste weg. Even denk ik te moeten afhaken wanneer we een steil pad moeten beklimmen, want mijn beide knieën lijken het te begeven. Aan de pijn van mijn hielspoor ben ik onderhand al gewend geraakt, maar dit lijkt ondraaglijk. Anneke geeft aan mijn knie te plooien en even te stretchen en het lukt. Langzaam maar zeker klimmen we wel 100 trappen steil omhoog. Anneke ben ik ondertussen kwijtgespeeld. Stap voor stap wandel ik omhoog, verzonken in gedachten en met mijn eigen stem als ‘motivational speaker’ die me aanmoedigt en supportert. Na een tijdje ben ik zo oververmoeid dat ik het even voor bekeken hou en me neerzet op een bankje om even te rusten en iets te drinken. Plots zie ik Anneke naar boven komen … hoe kan dit nu? Blijkt dat er even van de weg af, een uitzichtpunt was, waar ze even een kijkje ging nemen. Ik moet haar gewoon gepasseerd zijn. 


























Misschien is dit een goed moment om even complimenten uit te spreken voor de wandelroutes in het Müllerthal. Op het moment dat we toekwamen in Echternach na, zijn we nergens verdwaald. De routes worden overal heel goed aangegeven, met voldoende bordjes en geverfde plakkaatjes om te weten welke kant de route opgaat. In aanmerking genomen dat er zo ontzettend veel routes zijn, is dit heel goed geregeld. Bovendien is het pad overal vrij goed begaanbaar. Waar het steil omhoog gaat, is meestal een trappetje aangelegd en waar je op verschillende punten geacht wordt een beekje over te steken is er een prima stevig bruggetje neergelegd. En ondanks alles voelt de route nergens aan als heel kunstmatig. We voelen ons echt midden in de natuur. Ook het aantal wandelaars dat we tegenkomen is aangenaam, zeker in deze periode van het jaar. We hadden het veel drukker voorgesteld. Op vele stukken zijn we gewoon helemaal alleen, allé met z'n tweeën.


























Eenmaal boven blijven we gelukkig ook een tijdje boven. Van hier gaat het een beetje op en af, een rustig en makkelijk begaanbaar pad door het bos. Met al die schoonheid rondom, vergeet ik toch een beetje dat het een stevige fysieke uitdaging is. De weg naar boven gaat terug naar de ‘Perekopf’ maar die hebben we al gezien dus daar moeten we niet naartoe.  Wij mogen gelukkig terug wat afdalen. De route vervolgt zich langs een schilderachtig bospad door het Aesbachdal. Zo komen we uiteindelijk terug uit op de parking van Huel Lee in het dorpje Berdorf. Anneke bezorgt me bijna een hartverlamming wanneer ze zegt: ‘oei we zitten niet op de juiste parking’. Geen idee welke uitdrukking ik op mijn gezicht kreeg, maar zij ligt wel strijk van het lachen. 


De tocht is behoorlijk uitdagend geweest en al bij al hebben we er toch een volledige dag over gedaan met de nodige rustmomentjes uiteraard. Ik voelde me soms een beetje onderdeel van een spreekwoordelijke processie van Echternach: Anneke ging drie stappen vooruit en ik deed er twee naar achteren. Maar, de rust die ik nu voel na deze vermoeiende wandeldag is onbeschrijfelijk zalig en geeft een gigantische voldoening. Het is echt een overwinning voor mezelf. Anneke heeft me vaak geplaagd maar ook aangemoedigd om door te zetten. Een heerlijk gevoel van onoverwinnelijkheid en verbondenheid. Wat een prestatie!


We rijden terug naar Echternach om te gaan eten bij hetzelfde restaurantje van gisteren. Parkeren doen we op de parking achter de oude brug. Wanneer we uit de auto stappen, komt de pijn terug, maar ondanks dat, wil ik toch nog even naar de brug gaan kijken. Anneke had dat al ingecalculeerd toen ik enthousiast uitriep: ‘oh hier is een oude brug’, toen we er voorbij reden. Ze begint me goed te kennen. Na dit klein intermezzo wandelen we naar het restaurantje waar we op het terras een lekkere spaghetti eten.


























Eenmaal terug in het hotel neem ik een warm badje, smeer ik mijn pijnlijke knieën in met flexi-gel en masseer ik mijn voetjes om ze terug voor te bereiden voor morgen. Voor de geïnteresseerden, we deden maar liefst 16,46 km, 393 hoogtemeters en 24060 stappen! 


Geen opmerkingen:

Een reactie posten