vrijdag 25 april 2025

Huy - Bomal sur Ourthe

Voor een geslaagde vakantie hoef je niet ver weg te reizen. Vakantie betekent soms genieten van mooie plekjes dichtbij, zoals de Belgische Ardennen. Sofie, Yves en ikzelf trekken vandaag naar Durbuy, het hart van Wallonië. Alvorens we naar het huisje rijden, stoppen we in het schilderachtig stadje Huy, een juweel aan de oevers van de Maas. Met een rijke geschiedenis die teruggaat tot de middeleeuwen, ademt deze charmante bestemming een mix van historische pracht en culturele schatten. Van de glooiende heuvels rondom de stad tot de kronkelende straatjes vol karakter in het centrum.


We parkeren in parking Batta, één van de vele gratis parkings in Huy. Langs deze kant van de Maas zien we het indrukwekkende fort al liggen. We hebben ook zicht op de Collegiale kerk Onze-Lieve-Vrouw en Domitianus van Huy en de brug Pont Roi Baudouin. We wandelen langs het water tot aan de kabelbaan halte Batta. Hier kiezen we voor een combiticket voor de kabelbaan met een bezoek aan het fort. De oorspronkelijke kabelbaan van Huy werd geopend in 1957 in aanloop naar de wereldtentoonstelling Expo 58. In 2012 werd de kabelbaan zwaar beschadigd door een helikopterongeval. Het duurde maar liefst twaalf jaar tot de kabelbaan weer openging in april 2024. 


Eenmaal daar beseft Yves dat hij zijn rugzak vergeten is in de auto dus loopt hij even terug. Wij wachten geduldig tot hij terug is. We zetten ons in de cabine en deze vertrekt quasi onmiddellijk. De kabelbaan brengt ons over de Maas en biedt een spectaculair uitzicht op de stad en haar omgeving.


Eenmaal boven, stappen we uit aan het Fort van Huy. Het is bewolkt en droog maar best nog wat mistig. Toch is het uitzicht mooi. Vanop de hoge heuvel waar de Citadel zich bevindt, krijgen we een panoramisch zicht op het groene landschap rond de Maas. We zien er zelfs de drie koeltorens van de kerncentrale van Tihange. 


Net voor we in het fort willen afdalen, ontstaat er paniek. Yves mist zijn jas en dat is nu toch wel zijn meest favoriete kledingstuk om te golfen, dus besluit hij even terug naar beneden te gaan. Na een kwartiertje krijgen we telefoon. Opnieuw paniek: Yves zit in de cabine maar deze gaat de andere kant uit, de heuvel op. Eerst denken we dat hij ermee lacht maar het is effectief zo. Eenmaal boven, kan hij niet meer naar beneden want als hij dat doet, dan mag hij niet meer naar boven met hetzelfde ticket. Hij moet dus wachten. Gelukkig bevestigt een kuisman hem wel dat zijn jas gevonden is. Sofie en ik wandelen door het fort dat gebouwd werd tussen 1818 en 1823 en in de Tweede Wereldoorlog ingenomen werd door het Duitse leger. Het museum belicht de barre leefomstandigheden van de gevangenen en in de audiovisuele ruimte krijgen we getuigenissen van deze pijnlijke periode te horen. Er staan prachtige schilderingen op de muren.


Na ons bezoek aan het fort willen we de kabelbaan verder omhoog nemen naar de halte Sarte waar Yves dus op ons wacht. We nemen de lift naar boven, maar er is geen spoor van een cabine. Het lijkt wel of de kabelbaan in staking is. Plots zien we een bord waarop staat dat de volgende cabine binnen 4 minuten komt, alleen richting Batta en daar moeten we niet naartoe. We laten dus de cabine voorbij gaan. Op het bord komt de aankondiging dat de volgende er binnen 7 minuten zal zijn maar die gaat volgens het bord ook naar beneden. Er hangt een rode knop om met een technieker te spreken dus druk ik daar op. Een Franse stem klinkt door de luidspreker. Ik stel hem de vraag hoe die cabines hier werken want we verstaan er niets van. We willen naar boven. ‘Vous devez attendre’ zegt hij bot. Plots wijzigt het bord naar ‘Sarte 1 minuut’ en even later zoeven we met ons tweetjes de berg op. 


Bij Station Sartre heeft Yves zich al geïnstalleerd in het enige restaurant op de berg, Le Cortina. We bestellen Luikse balletjes met frietjes. Krachtvoer om straks de muur van Huy te trotseren, een legendarische klim in de wielersport en bekend van de jaarlijkse wielerwedstrijd de Waalse Pijl. Met de fiets is het een pittige klim omhoog. Gelukkig ‘trotseren’ wij hem in omgekeerde volgorde, namelijk naar beneden. Onderweg genieten we van het uitzicht en moedigen we passerende wielrenners wat aan tijdens hun tocht omhoog. De klim is een echte kuitenbijter.


Eenmaal in het centrum steken we de Place de St Denis over en wandelen we de Rue Vankeerberghen in. Aan onze linkerkant passeren we het Museum van Huy, dat gevestigd is in een historisch kloostergebouw met mooi binnenplein. Na het museum gaan we linksaf de Rue des Frères Mineurs in. Dit smalle steegje maakt deel uit van het oude Huy dat gekenmerkt wordt door geplaveide straatjes en muren in breuksteen. We passeren er onder andere het Maison près la Tour, het oudste huis van de stad uit de 13-14e eeuw en de kerk Saint-Mengold. We kuieren door de Middeleeuwse steegjes en laten ons verrassen door deze oude Maasstad.


Op het kerkplein draaien we linksaf een smal steegje in en zo komen we aan op de Grote Markt. Op dit plein valt onmiddellijk het Stadhuis en de fontein Li Bassinia op. Dit is het kloppend hart van de stad. We besluiten even uit te rusten op een terrasje. Na de verfrissing, gaat Yves zijn jas ophalen terwijl Sofie en ik op kunstwandeling gaan. De route is maar twee kilometer lang maar brengt ons langs verschillende beeldhouwwerken zoals “Le lecteur au journal” van Silvana Belletti waar we daarstraks ook voorbij zijn gekomen. We passeren de Collegiale Kerk Onze-Lieve-Vrouw en Sint-Domitianus. Deze indrukwekkende kerk is één van de belangrijkste religieuze gebouwen in de stad. Binnen zijn er prachtige glas-in-loodramen. Het meest indrukwekkende is Li Rondia, een rozet met een gracieus bloemenmotief. Deze heeft een diameter van maar liefst negen meter.  


Na het einde van de wandeling verlaten we het centrum via de brug Pont Roi Baudouin zodat we terug aankomen in wijk Batta en naar de parking wandelen. We rijden door naar Bomal sur Ourthe, nabij Durbuy. We hebben het onlangs gerenoveerde Penthouse: immersion dans la nature geboekt. Het beschikt over 2 slaapkamers, een volledig uitgeruste keuken, een badkamer met een inloopdouche en een sauna. Ook het uitzicht vanuit het grote raam in de living is prachtig. Het is een echte beestenboel hier. Er zijn schattige geitjes, prachtige highland koeien, kippen en varkens met 3 verschillende kleuren. 


We installeren alles en trekken dan naar La Guinguette, een boerderijbar op het domein die vandaag opengaat. Dit is een open tent in de tuin. Het zonnetje schijnt nu volop en het is hier aanvankelijk dus prima zitten. Na 3 weken tandenbijten kan ik toch niet weerstaan aan het lekkere hoeve ijs dat hier wordt verkocht. De pistache is heerlijk en de zonde meer dan waard. Yves wil het vlees van hun eigen highland koeien wel eens proeven en bestelt een hamburger terwijl Sofie en ik snel een soepje gaan eten in ons appartement. Nadat we omgekleed zijn, trekken we terug naar de tent waar Yves nog altijd wacht op zijn hamburger. Ondertussen is de zon weg en is het verschrikkelijk koud. Tijd dus om op te stappen en de warmte op te zoeken.






zondag 20 april 2025

Aartrijcke - Oostduinkerke

Het is nog stil in de kamer als ik mijn ogen open. Geen gezoem, geen irritant geluid zo anders dan thuis. Enkel in de verte het geblaat van de schaapjes. Greta slaapt nog want we hebben geen wekker gezet. Gisteren hebben we besloten om uit te slapen vandaag en pas om 9 uur te gaan ontbijten. Het weer is omgeslagen en er schijnt geen zonnetje de kamer binnen. Net even anders dan gisteren. Bij het ontbijt ligt er in ieder tasje een paashaas in chocolade. De laatste zonde van dit weekend. 


Na het ontbijt trekken we met Achiel naar de stal om de lammetjes een laatste keer melk te geven. Inge viel die eer nog niet te beurt dus krijgt zij de fles in de handen gedrukt. Het eerste lammetje werkt niet echt mee. Ze houdt haar lippen stevig op elkaar en weigert te drinken. Gelukkig is lammetje twee wel heel enthousiast. 


We trekken nog even naar de wei waar Achiel zijn toverwoordjes uitspreekt en alle schaapjes onmiddellijk komen aangerend. Toch nog even knuffelen want binnen een half uurtje laten we ze achter, wetend dat ze binnen een paar maanden naar de slachtbank gaan. We nemen afscheid van Paula en Achiel en rijden naar Oostduinkerke, deelgemeente van Koksijde.


Deze kustgemeente is de thuisbasis van de garnaalvissers te paard, beter gekend als de Paardenvissers. Om hen bezig te zien, moeten we vroeger opstaan maar we besluiten te lunchen bij Estaminet de Peerdenvisscher. Sinds 2004 baten Johan en Corinne Casier, afkomstig uit een paardenvissersfamilie pur sang, het stemmig volkscafeetje uit. Omdat je er niet kan reserveren, is het afwachten of er plaats zal zijn. Bij aankomst, zit het terras al goed vol. Inge wil binnengaan, maar wordt tegengehouden door een dame met een papier in de hand. We worden op de lijst gezet en kunnen plaatsnemen op het terras zegt ze. Jullie worden geroepen wanneer er plek is. Het druppelt en het is best koud maar volgens Paula is het het wachten echt wel waard, dus zetten we ons onder de grote rode paraplu’s. We zitten aan zee dus lijken garnaalballetjes als aperitiefhapje ons wel wat. Garnalen die vannacht gevangen zijn en deze ochtend gepeld, liggen nu al op ons bord en dat proef je. Wat een verschil, die volle smaak, hemels! Dat belooft voor straks …


Ons geduld wordt na een uurtje beloond. De dame komt ons inderdaad halen, net op het moment dat we bijna verkleumd zijn. Er is een beperkte kaart, maar de garnaalkroketten en de slibtongetjes zouden hier top zijn. Beide worden dus besteld en inderdaad, niets hier stelt teleur. De garnaalkroketten zitten nokvol garnalen en hebben een heerlijke smaak maar ook de sliptongen zijn perfect klaargemaakt. Aan de muur hangen prachtige foto’s van de garnaalvissers en de sfeer hier is volks en gezellig. Met een gelukzalig gevoel verlaten we het cafeetje.


Naast de Peerdenvisscher bevindt zich het vernieuwde visserijmuseum Navigo. De nieuwe museumopstelling vertelt het verhaal van de visserij in al haar facetten: van lokale helden zoals de IJslandvaarders en de strandvissers, tot de visserijfamilies en hun leven op zee en aan wal. Wonderbaarlijke visvangsten in de Tweede Wereldoorlog, jongens van twaalf die hun leven waagden als IJslandvaarder, het soms harde en eenzame leven van vissersvrouwen. Aan de hand van de collectie – bestaande uit eigen materiaal en mooie stukken in bruikleen van het MAS, het Abdijmuseum Ten Duinen of uit andere kustcollecties – geeft het visserijleven zijn geheimen prijs.


Enkele vaste waarden zoals het houten visserschip Oostduinkerke 1 Martha en de aquaria met Noordzeevissen zijn gebleven. De renovatie en herinrichting van Navigo kostte zo’n 7 miljoen euro. Potvis Valentijn is de blikvanger van het vernieuwde visserijmuseum. Het dier spoelde op 12 februari 1989 levenloos aan op het strand, de gemeente begroef het dier bij de abdijhoeve, maar haalde vijf jaar geleden het 17 meter lange skelet weer naar boven. Nu hangt het op in de potvisvleugel, een mausoleum voor Valentijn zeg maar. Wetenschappers van de Universiteit van Gent zijn lang bezig geweest met de reconstructie van het skelet van potvis Valentijn. Alle verhalen die errond bestaan, dat zit in het DNA van de inwoners hier. Het is erfgoed van de gemeente. Valentijn’s volledige skelet kreeg dus een nieuwe thuis in een op maat ontworpen vleugel van het NAVIGO Visserijmuseum.


Voor sommige zalen, zoals die in het teken van de strandvisserij, is intensief samengewerkt met de erfgoedgemeenschappen: garnaalvissers te paard, kruiers en stekers bepaalden mee het gezicht van deze ruimte, die meegaat op de getijden van eb en vloed. Verderop confronteert de kunstige opstelling van de collectie van strandjutter Aäron Fabrice de Kisangani, in dialoog met de getuigenissen van vissers en zee-experten, ons met de prangende vraag: wat is de toekomst van onze zeeën en de Vlaamse visserij? De uitdagingen van de visserij zijn van alle tijden. Hoe kan de mens de uitdagingen ook nu weer het hoofd bieden?


In een aparte zaal verder in het museum wordt de collectie van de strandjutter tentoongesteld. Je kan het zo gek niet bedenken of het is wel eens achtergelaten in zee of op het strand. Een andere vaste waarde is het vissershuis. Dit iconische huisje vormt het middelpunt van de museumsite en komt vandaag nog meer tot zijn recht in de nieuwe architectuur. Via het opgefriste decor en een recent geïnstalleerde akoestische omgeving met geluiden van een huishouden, wanen bezoekers zich moeiteloos bij een vissersfamilie van begin 20ste eeuw.


Als we bij het onthaal de trap naar boven nemen, komen we in de ruimte voor tijdelijke tentoonstellingen terecht. En we hebben geluk want de expo van Stephan Vanfleteren met zijn portretten van enkele Oosduinkerkse paardenvissers loopt hier nog tot januari 2026.  Ik ben sowieso al een grote fan van zijn werk, dus de zwart-witte karakterfoto’s kunnen me ook nu opnieuw bekoren.


Rond een uur of 4 laten we de Westhoek achter ons en rijden we terug richting Antwerpen. Wat heb ik weer genoten van onze ‘family time’. Ouder worden heeft zijn voordelen want je word je bewuster van de kwetsbaarheid van alles. Ik weet dat dit niet voor eeuwig is en daarom apprecieer ik het meer dan vroeger. 


zaterdag 19 april 2025

Knokke

Na een goede nachtrust, zitten we al om 8u aan tafel voor het ontbijt. Daarna rijden we naar Knokke want we hebben kaartjes gekocht voor de tentoonstelling van Panamarenko Zoo aan Zee, de allereerste tentoonstelling die het dier in Panamarenko’s kunst centraal stelt. In deze bijzondere expo komen zijn iconische, mechanische wezens tot leven: van wonderlijke vliegende constructies tot eigenzinnige hybride schepsels die balanceren tussen droom en realiteit. Een artistieke beestenboel waarin techniek, fantasie en natuur elkaar ontmoeten—speels, visionair en onmiskenbaar Panamarenko.


Panamarenko werd geboren in België onder de naam Henri van Herwegen. Panamarenko is een pseudoniem en een samentrekking van ‘Pan American Airlines and Company’. Beweging is zijn passie. Zijn oeuvre bestaat uit werken die vooral de zwaartekracht kunnen trotseren, te land, te water en in de lucht. Naast kunstenaar was Panamarenko best te omschrijven als poëtisch visionair uitvinder-ingenieur. Het samengaan van kunst en techniek, gekoppeld met zijn fascinatie voor wetenschap en technologie, loopt als een rode draad door zijn werk.


De culturele as van Knokke-Heist loopt richting La Réserve, het grootste hotel van Knokke-Heist, met prachtig uitzicht op het Zegemeer. In het water weerspiegelen de wuivende krabben van Panamarenko. Het is een technisch waterballet met heel veel poëzie. Aan de basis ligt een herinnering aan een reis naar het grensgebied tussen Zambia en Zimbabwe, waar Panamarenko in 1975 de Victoriawatervallen aanschouwde. Het geheel uit 2011 bestaat uit drie drijvende eilanden. Ze zijn vervaardigd van smalle banden hoogwaardig spiegelinox. Zes kleurrijke rode krabben, gemaakt van roestvrij staal, wuiven met hun geopende grijpscharen vanop de eilanden in de wind. Het ensemble, drijvend gehouden door grote drijvende pontons, is in omvang het grootste werk dat Panamarenko ooit realiseerde.


Daarna rijden we naar het centrum van Knokke voor de lunch. Parkeren hier blijkt niet echt gemakkelijk dus zetten Thomas en Inge ons af aan de dijk. We installeren ons op een bankje in de zon en wachten tot ze een plekje gevonden hebben. Wat blijkt, ze staan terug aan het cultuurcentrum want dichterbij was er geen enkel plekje meer vrij.


We  lunchen bij Van Bunnen en wandelen daarna nog wat over den dijk langs de vele prachtige galerijen. Af en toe zien we een kunstwerk waar we wel van houden maar de prijzen hier, zijn niet voor ons. 


Rond vier uur rijden we terug naar de Artiriacumhoeve om ons op te frissen voor het diner. We hebben gereserveerd bij het Koetshuys in Zedelgem om Greta’s verjaardag nog eens echt te vieren. Paula en Achiel gaan met ons mee. De bediening is niet echt wat we gewoon zijn. De ober denkt dat hij grappig is maar dat nemen we er met plezier bij. Ons voorgerecht wordt geserveerd maar brood hebben ze niet dus eten we scampi’s met de lepel want we willen de saus niet verloren laten gaan. We gaan net als vorige keer tafelgrillen. Buiten Inge en mezelf gaat iedereen voor de meat love. Wij eten vis. Het is  lekker maar veel. Slechts 3 moedige eters bestellen nog dessert. De jarige krijgt er vuurwerk bovenop. 




vrijdag 18 april 2025

De Haan - Aartrijcke

Greta is jarig en heeft ons uitgenodigd om mee te gaan naar de Westhoek. Ik ben er nog maar net geweest maar het is nooit een straf om die richting uit te gaan. Als je Westhoek zegt, zeg je ook de zee dus voor we naar Artiriacum rijden, trekken we nog eerst naar de kust. Inge en Thomas zullen ons later vervoegen maar die hadden nog verplichtingen deze ochtend. 


Omdat De Haan mij vorige keer zo goed bevallen is, wil ik nog wel eens een bezoekje brengen aan deze geweldige kustgemeente. Bovendien kunnen we daar gratis parkeren dicht bij het centrum en dat is mooi meegenomen. Er bestaat een erfgoedwandeling van slechts drie kilometer die ons langs verschillende mooie plekken brengt en ik denk dat dat net haalbaar is voor de oudjes. De route staat aangegeven met klinknagels (het zijn er maar liefst 120) op de weg en start aan het overbekende historisch tramstationnetje. Ze neemt ons mee door de pittoreske 'Concessie', langs typische cottages en villa's met hier en daar een verrassend modernistisch accent. Oké, de wandeling gaat grotendeels door dezelfde straten als de wandeling die we 2 weken geleden maakten met een gids maar toch zie ik vandaag weer andere dingen die ik óf niet opgemerkt heb óf waar we toch niet geweest zijn. We stappen de namiddagzon tegemoet en voelen de warme stralen op ons gezicht.


De villawijk kwam dus tot stand op een groot stuk duingrond dat in 1889 in erfpacht werd gegeven aan de S.A. Le Coque-sur-Mer. De ondernemers hadden grootse plannen met het gebied dat ze voor 90 jaar in concessie kregen. De bedoeling was om er een romantische belle epoque-wijk aan te leggen. Tegenwoordig is het nog steeds een villapark en er zijn strenge eisen om er te mogen bouwen. Zo moet er bij nieuwe gebouwen rekening gehouden worden met begroeiing en slechts één zesde van de grond mag worden bebouwd. Dit om ervoor te zorgen dat het groene karakter van de gemeente behouden blijft.


Tussen al de Belgische badsteden met hun kust die volledig volgebouwd is met hoge appartementsgebouwen, is De Haan echt een verademing. Prachtige statige gebouwen kleuren samen met de pittoreske villa’s het stadsbeeld. Bij de Normandiëlaan gaan we nu wat verder om het standbeeld van Albert Einstein te bewonderen. Het standbeeld herinnert aan de tijd dat Einstein hier in 1933 verbleef, op de vlucht voor het opkomende naziregime in Duitsland. In De Haan heb ik bijwijlen de indruk dat de tijd is blijven stilstaat.


Dit keer wandelen we iets langer op de dijk want ik wil graag het beeld ‘De l’amour’ zien. Het is echt genieten van al die mooie kunstwerken die her en der opduiken.  Flaneren op de dijk met zicht op het water, is altijd een zaligheid, zeker als je daarna lekker kan gaan eten. We genieten van het geluid van de golven, de overscherende meeuwen die hun menu uit de strandplassen halen, en de vissersboten op zee met een zwerm meeuwen erachter.


Het weer is prachtig en er is zo goed als geen wind. We doen er een klein uurtje over om de wandeling af te ronden, de beentjes zijn goed gestrekt en we hebben genoten van de gezonde zeelucht. Dit was een prachtige manier om het mooie badstadje “De Haan’ te ontdekken. We besluiten bij panos een broodje te eten want vanavond gaan we met z’n allen eten en twee keer warm vinden we toch wat te veel.


Rond half twee rijden we richting Artiriacum, behaaglijk verscholen in het groen, waar Paula en Achiel ons al staan op te wachten met heerlijke taartjes voor de jarige. De schaapjes dartelen nog steeds in de wei en er zijn weer enkele nieuwe lammetjes bijgekomen. 


Uiteraard gaan we even een kijkje nemen in de stal en ik maak een sprongetje van blijdschap wanneer ik hoor dat het schaapje dat ik twee weken geleden met veel liefde melk heb gegeven, het overleefd heeft. Ze dartelt nog steeds door de stal en lijkt blij ons te zien. Papa mag ook even de fles geven en ze drinkt weer gretig. 


Om 4 uur rijden Inge en Thomas de werf op. Ze hebben er maar liefst 2 uur over gedaan want er was best wel wat file rond Antwerpen. Dan hadden wij deze ochtend meer geluk. Tijd dus voor een taartje om het leed wat te verzachten. Daarna nog even naar de stal met Inge om de lammetjes te knuffelen. Een lammetje kruipt van blijdschap bijna uit het hok en plaatst zichzelf wel in een heel moeilijke positie. Grappig om te zien!


S’Avonds eten we bij Drie Koningen in Torhout, een plaatselijke bistro waar Paula ons naartoe heeft gestuurd. Wanneer we de zaak binnenkomen, zijn we niet echt overtuigd want we moeten best lang wachten maar wanneer het eten uiteindelijk op tafel komt, zijn we mega verrast. Het eten is subliem en de porties heel erg groot. Na het eten maken Inge, Thomas en ik nog een wandeling door de weien en genieten we van de zon die ondergaat en de schaapjes die al blatend de nacht ingaan. 




zondag 6 april 2025

De Haan

Na het ontbijt heeft Paula een inspirerende wandeling langs het architecturale erfgoed van De Haan geregeld en vermits ik echt hou van deze badstad, kijk ik er erg naar uit. Het is een charmante badplaats met een pittoreske uitstraling. Anders dan de meeste kustgemeenten heeft De Haan een tijdloze charme weten te behouden en is het niet overspoeld door hoogbouw, getuige al die authentieke villa’s. We worden om 10 uur verwacht aan de historische tramhalte De Haan Aan Zee die deel uitmaakt van de Kusttram, de langste tramlijn ter wereld die de gehele Belgische kustlijn bedient. Omdat Achiel nog verhinderd is, rijden wij al naar het huis van Paula en komt hij achter. Net op tijd pikt hij ons op en rijden we naar de tramhalte. Dit is echt een fotogeniek stukje geschiedenis en schept een nostalgische sfeer die goed past bij de rest van de gemeente. 



We maken kennis met onze gids die eerst wat algemene dingen vertelt over De Haan. We zijn met een redelijk grote groep en wandelen doorheen de pittoreske villawijk van de Haan. De wandeling brengt ons langsheen het architecturale erfgoed van De Haan, maar met focus op enkele verrassende elementen uit haar geschiedenis. We maken kennis met de Concessiewijk. Deze wijk is een van de meest iconische gebieden van De Haan. Ze bevindt zich tussen de tramlijn en de zee. De gronden werden in 1889 voor 90 jaar in erfpacht (concessie) gegeven aan particulieren en ze mochten er enkel bouwen volgens strenge bouwvoorschriften. Hierdoor werd de wijk volledig ontworpen in Anglo-Normandische stijl.


Na afloop van de concessieperiode verwaterde de strenge bouwvoorschriften waar heel wat protest tegen kwam. In 1995 werd de wijk beschermd dorpsgezicht waardoor de bouwvoorschriften weer strenger werden. De wijk staat bekend om zijn prachtige villa’s en kronkelende lanen. Een wandeling door deze wijk is als een reis terug in de tijd, met goed bewaarde architectuur en een rustige sfeer die je uitnodigt om te genieten van de prachtige tuinen en pittoreske straatjes.


Hier dus geen hoogbouw, maar charmante huizen met karakteristieke rode daken, erkers en balkons die bijdragen aan de unieke sfeer van De Haan. De wijk is ook autoluw, wat zorgt voor rust en het ontspannen gevoel. We zien heel wat stukwerk maar al snel wordt duidelijk dat dit niet echt is. De gids noemt het pseudo stukwerk want het zijn geen echte houten balken maar geschilderde exemplaren. 


In de Shakespearlaan, bij huisnummer 5 zien we het huis waar Albert Einstein destijds verbleef tijdens zijn tijd in De Haan, op de vlucht voor het opkomende naziregime in Duitsland. De Villa Savoyarde is niet open voor het publiek, maar we kunnen het wel bewonderen van buitenaf en proberen ons voor te stellen hoe Einstein hier zijn dagen doorbracht, wandelend door de rustige lanen en genietend van de kust. Er staat nog een foto van hem achter het raam.  Na zijn verblijf in De Haan reisde hij door naar Amerika.


Daarna gaat de wandelroute verder door de villawijk. Deze zijn stuk voor stuk echte architecturale pareltjes. Veel van deze villa’s zijn nog steeds privéwoningen of vakantiewoningen, maar hun exterieurs zijn een lust voor het oog. De gemeente paalt aan Vlissegem en Klemskerke, de twee oudste dorpen van de Belgische kust. Langsheen het parcours schetst de gids de tijdsgeest van eind 19de en begin 20ste eeuw; een periode van revolutionaire ontdekkingen maar ook van Oorlog. Ze belichten er naast Einsteins realisaties in de fysica ook de diplomatieke nalatenschap van Paul Henri Spaak, twee belangrijke persoonlijkheden die ooit in De Haan verbleven.


Een bezoek aan De Haan zou natuurlijk niet compleet zijn zonder een bezoek aan het strand dus trekken we richting de zee. Het zandstrand is één van de mooiste aan de Belgische kust. Hoewel het vandaag een trekpleister is voor zonnekloppers, beoefenden de kustbewoners hier vroeger volop de strandvisserij. De voorbijtrekkende schepen langsheen de einder nodigen uiteraard uit om iets meer te weten te komen over onze kust, de havens en de uitdagingen vroeger en nu. Op de zeedijk zien we een mooi kunstwerk.


Het gemeentehuis van De Haan werd in 1898 gebouwd als het luxueuze Grand hotel du Coq-sur-Mer. Recht tegenover het gemeentehuis ligt het domein La Potinière. In dit gezinsvriendelijk park vind je onder andere tennisterreinen, minigolf, speelpleinen en een paviljoen met café en restaurant. De wandeling was een reis terug in de tijd naar een tijdperk van elegantie en de nostalgische activiteit eindigt rond half 12.


We hebben gereserveerd bij Beaufort om te lunchen. Nog een laatste theetje bij Paula thuis en dan zit onze tijd aan de Westkust erop.


zaterdag 5 april 2025

Koekelare

Om half 9 trekken we naar beneden en ontbijten we samen met Paula en Achiel. Daarna rijden we naar Koekelare voor een wandeling van 6,5 km. Deze start vanaf het Sint-Maartensplein, maar het is druk in het centrum en de auto parkeren is geen sinecure. Uiteindelijk vinden we een plekje in een zijstraatje. De bewegwijzerde wandelroute begint voor de Brouwerij Couckelaere, gebouwd aan het einde van de achttiende eeuw. De oude mouttoren en de slanke schoorsteen daterend uit de jaren 1790 domineren het uitzicht. De brouwerij was werkzaam tot 1968, waarna het na verval in 1985 door de gemeente werd aangekocht en ingericht als toeristisch cultureel centrum.


Hier halen we de brochure voor de koekelarebergwandelroute en dan is het tijd om de beentjes echt te strekken en met onze rug naar de brouwerij toe, zien we rechts al het eerste bordje. Het centrum van Koekelare vormt een mooi architecturaal geheel. De hemel is mooi blauw en de temperatuur is aangenaam. We steken het regenboogzebrapad over, wanneer de torenklok van de Sint-Martinus kerk elf uur slaat.


We wandelen verder in de bebouwde kom en zien op onze linkerkant een merkwaardig gebouwtje. Het blijkt de Salai Thai, een mooi gecamoufleerde hoogspanningscabine, verpakt in een Oosters kleedje. De constructie symboliseert de multiculturele samenleving. 


Bij het Oosthofpark zien we prachtige appartementen rond een vijver waarin een bronzen beeld dat een oosters mythologisch figuur voorstelt, sierlijk uit het water oprijst. In de negende en tiende eeuw stond hier een ovale vluchtburcht. De laatste bestemming tot 1949 was als lusthof, vertelt het informatiebord. Geen term waarvan we vaker hebben gehoord, dus zoeken we het even op. Het blijkt een ‘voor het genoegen aangelegde tuin’ of ‘bekoorlijk, schoon oord’ te zijn. Een paar meerkoeten zwemmen in de vijver. Er zijn hier genoeg bankjes om te zitten. Tussen de bomen aan onze linkerzijde zien we een kerkhof liggen. Via een houten brughuisje wandelen we verder.


Langzaamaan leidt de Koekelarebergwandelroute ons het dorp uit. De geluiden van autoverkeer doven uit. De rust van het platteland komt ons tegemoet. De wandelroute gaat over in een onverhard pad. Hier overheersen de vogelgeluiden. Er ligt hier ook een klein natuurgebied: De Swal. Dit drassige gebied onderaan de Koekelareberg heeft zijn wortels in een ver verleden. Het was de voorbije eeuwen in gebruik als weiland, populierenplantage en als hooiland.


Een betonpad slingert tussen De Swal en diverse akkers. Groene weilanden schitteren in de zon. Er is blijkbaar ooit een lied over gemaakt: ‘weiden als een wiegende zee’. Heerlijk stil is het hier. In de verte achter een rij wilgenbomen glooit het groen omhoog. Door een hekje gaat de wandelroute nu echt over een smal paadje tussen de akkers en weilanden door.


Eenmaal terug op de asfaltweg, gaat de route langzaam omhoog en dat voelen we wel in de benen. Dit is dan ook de Bergstraat. Al snel volgen er eerste doorkijkjes over het lagergelegen land. Al is het maar een lichte stijging, we krijgen het er toch warm van. Bij een bankje zetten we ons om even bij te komen. Een onverhard tractorpad brengt ons vervolgens naar het hoogste punt van de Koekelareberg. Deze is slechts 43 meter hoog, maar biedt een mooi uitzicht. Het is geen Ardennen, maar het is wel de moeite waard. 


De Sint-Martinuskerk van Koekelare steekt boven alles uit. Het pad daalt nu af door een stukje bos. In de schaduw van de bomen is het direct een stuk frisser. Afdalend, bereiken we weer een asfaltweg. Knotwilgen flankeren de weg. We zien een café en hebben dorst dus perfecte timing! We zetten ons achteraan in de tuin waar een man vlijtig bezig is om het gras te maaien. Het stoort ons geenszins want ons drankje brengt verfrissing.


De Koekelarebergwandelroute loopt vervolgens door het Motepark, een voormalig kasteeldomein en maar liefst 5 ha groot. Het is een groene oase met veel oude en waardevolle bomen. Vroeger was het eigendom van de brouwersfamilie Christiaens, maar nu is het dus een wandelbos.


We nemen nog een kijkje in de ‘Tuin van de Hoop’. Het is een kijk- en beeldentuin om de doelstelling van het aanpalend Fransmansmuseum te ondersteunen. De benaming van de tuin verwijst naar wijlen Koning Boudewijn I. Voor velen onder ons was hij immers een teken van hoop. Een bronzen standbeeld trekt onze aandacht. Het stelt een man voor, gekleed in lompen en hangend aan een touw.


We horen de torenklok weer slaan en staan even later terug op het marktplein waar we nog een terrasje doen alvorens even de kerk binnen te wandelen. Deze ochtend was er een begrafenis en wilden we geen storende factor zijn voor de treurende mensen. De kerk is immens groot en we maken ons de bedenking dat hier op het platteland waarschijnlijk nog veel katholieke mensen wonen. 


We stappen terug de auto in en daar merkt Annelies op dat ik mijn vestje niet meer bij heb. Onmiddellijk weet ik waar ik het heb achtergelaten, op dat bankje op de koekelareberg. We rijden nog even terug maar het is al verdwenen. Ik ben dus in ideale stemming om het treurende ouderpaar te gaan bezoeken. We rijden naar Vladslo. Nee dit ligt niet in Polen maar gewoon bij Diksmuide. Het beeld van de Duitse kunstenares Käthe Kollwitz staat hier op het Duitse kerkhof. Peter Kollwitz, de oudste zoon van de kunstenares is hier op 18 jarige leeftijd gesneuveld en voor hem ontwierp ze dit kunstwerk. Links knielt de vader met ingevallen wangen, een verbeten trek om de mond, de armen krampachtig om het lichaam geslagen, neerkijkend op de duizenden graven, waaronder dat van zijn zoon in het onmiddellijke bereik van zijn ogen. Rechts knielt de moeder, voorovergebogen één en al innigheid, verdriet en liefde. Indrukwekkend!


Rond half vijf rijden we terug naar huis waar het tijd is om de lammetjes opnieuw de fles te geven. Ze drinken weer gulzig alles tot de druppel leeg. Eentje gaat het volgens Achiel niet overleven en mijn hart bloedt. Het ziet er zo schattig uit maar haar vachtje is inderdaad anders dan dat van de andere lammetjes, veel matter en niet echt wollig. Haar moeder had geen biest (de eerste moedermelk), wat heel belangrijk is voor de immuniteit. Er zitten veel suikers in die voor energie van het lam zorgen. Dit gehalte is de eerste 24 uur het hoogst en het lam moet daar dan veel van drinken. Een net geboren lammetje heeft nog geen afweersysteem en de biest beschermd het lammetje tegen infecties. Achiel heeft biest van de koe gegeven maar binnen enkele dagen zal duidelijk worden of ze er door komt. 


Gisteren is er in de wei in Nieuwpoort wel een lammetje geboren en Achiel is het deze ochtend samen met de moeder gaan ophalen. Ze liggen nog lekker samen in de stal en het is een mooi lammetje met stralende oogjes en ze zien er beiden heel erg gelukkig uit. Nog even mogen ze samen verder genieten maar niet voor lang want dan worden ze van elkaar gescheiden. Het is zeven uur en voor de lammetjes die in de wei staan, is het dan tijd voor de gymles. Ze dartelen in groep van de ene kant van de wei naar de andere kant en weer terug. Dat houden ze zo bijna een half uur vol. Het lijkt wel ‘schipper mag ik overvaren’. Geamuseerd kijken we toe terwijl we aperitieven in de veranda. Paula heeft weer een feestmaaltijd bereid en voldaan kruipen we onder de wol. 




vrijdag 4 april 2025

Aartrijcke - Artiriacumhoeve

Het is lang geleden dat Annelies en ik nog eens samen naar Aartrijcke zijn afgezakt, maar het is lammertijd en waar is het dan beter vertoeven dan bij Paula en Achiel? Al die kleine schattige bolletjes wol in de tuin zien ronddartelen, ik word er al helemaal warm van. Achiel heeft me ooit beloofd dat ik wel eens mee mag helpen om een lammetje op de wereld te zetten, dus laten we hopen dat er zich dit weekend eentje aandient.  Het is al 10 uur wanneer we vertrekken en bij aankomst in Aartrijcke hebben we dan ook honger dus besluiten we eerst te gaan ontbijten bij Baguette, een koffietentje in het centrum.


Wanneer we eindelijk toekomen in de Artiriacumhoeve, worden we instant vrolijk bij het zien van de kleine lammetjes die ronddartelen in de wei. Mooi om zien hoe ze hun snuitje omhoog doen om de eerste geuren van de wereld op te snuiven.


Het is een hartelijk weerziens met onze vrienden en er wordt al gelijk een lekkere citroencake geserveerd op het zonovergoten terras van de Artiriacumhoeve. Lekker bijkletsen is onze voornaamste bezigheid deze middag.


Tussendoor ga ik eens naar de schaapjes kijken, maar van zodra ze me zien, lopen ze van me weg. Hulp is dus welkom! Wanneer Achiel de schaapjes roept, komen ze aangerend en blijken ze plots niet meer zo bang van mij. Twee schattige lammetjes kruipen bijna op mijn schoot en aanzien mijn vingers als fopspeen. Ze krijgen al wat tandjes. Achiel gaat om melk en dan kunnen we ze de fles geven. Ze drinken gulzig en er gaat geen druppel melk verloren. 


Na dit leuke intermezzo, maken Paula, Annelies en ik een mooie wandeling door de weilanden naar het kasteel van Aartrijcke. Het domein op zich is werkelijk prachtig. Wilde eenden spetteren in de grote vijver terwijl wij plaatsnemen op een bankje om te genieten van het uitzicht.


Na de wandeling aperitieven we nog even op het terras en tegen half 7 trekken we naar het gezellige oude eethuis Heidelberg, in deelgemeente Zedelgem. Het bestaat al sinds 1763 en was destijds een tolhuis. Er staan niet zo veel gerechten op de kaart en de keuze die we maken is heerlijk. 


Wanneer we thuiskomen, slapen de schaapjes al maar de spreeuwen nog niet. Ze zijn net bezig aan hun nachtconcert. Gelukkig zijn ze uitgezongen wanneer we naar bed gaan.