woensdag 14 oktober 2026

Stellenbosch - Franschhoek - Paarl

‘It is hard to beat this kind of happiness I feel while in the wine region of South Africa’


De laatste volledige dag voor onze reisgenoten is aangebroken. Vandaag gaan we vertoeven in de wijnstreek van Zuid-Afrika. We vertrekken na het geweldige ontbijt van de President Hotel en rijden in een uurtje naar Stellenbosch. Wil je  eens echt winkelen zoals men dat tweehonderd jaar geleden deed? In dit dorp is dat nog steeds mogelijk. In de Dorpstraat kun je ‘Oom Samie se Winkel’ vinden. Deze winkel bestaat al meer dan twee eeuwen en is door al die jaren heen nooit aangepast in het interieur of exterieur. De winkel is nog altijd in de oorspronkelijke staat. Je vindt er onder meer wijnen, fruitsoorten, hebbedingetjes en antieke gebruiksvoorwerpen. Het enige wat er wel veranderd is in de handelswijze van de winkel is dat je er nu gewoon met creditkaart kan betalen waar je vroeger moest ruilen.


Simon van der Stel, ontdekte een stuk mooi en vruchtbaar land in 1679. Hij was op dat moment de gouverneur van Kaap de Goede Hoop. Hij besloot er een dorp te stichten, direct langs de kant van de Eerste Rivier. Hij noemde het dorp Van der Stel se Bosch. Het dorp bestaat nog steeds, nu onder de naam Stellenbosch. Het is een leuk stadje dat kan worden gezien als één groot openluchtmuseum, zo mooi is het.


Het wordt ook wel eens het eikendorp genoemd. De eiken werden destijds uit Engeland geïmporteerd met als doel er wijnvaten van te maken. Daar worden ze nu niet meer voor gebruikt en de bomen zijn ook beschermd, wat tot gevolg heeft dat wanneer je een huis wilt bouwen op de plaats waar een eik staat, je het huis om de boom heen moet bouwen. De oude eikenbomen maken het geheel helemaal af, evenals de oude gebouwen die de historie lijken uit te ademen. De oude Dorpstraat is officieel een nationaal monument en we zien er de meest indrukwekkende oude gebouwen in talloze stijlen, van Victoriaans en Gregoriaans tot Kaap-Hollands. 


Stellenbosch is hét hart van de wijnbouw. Het is het niet voor niets het begin van de wijnroute en natuurlijk vind je er mooie wijngaarden. Rond het dorp zijn de mooiste, en ook zeker de oudste, wijngaarden van heel Zuid-Afrika te vinden. ‘Baie Lekker Wyne’ hebben ze hier! Het wijnlandschap rond Stellenbosch is misschien wel het mooiste ter wereld. De nu eens golvende, dan weer vlakke wijngaarden liggen als een groen tapijt tussen blauw- en bruingrijze bergen onder een blauwwitte lucht. Te midden van de druivenakkers zie je bloemrijke parken en tuinen van wijngoederen, met tussen al die kleuren het wit van homesteads, de oude, tot monument verklaarde Hollandse boerderijen. En je denkt: als hier geen goede wijn gemaakt kan worden, waar dan wel?


Omdat we straks al gaan wijnproeven, besluiten we de vele wijnbarretjes links te laten liggen. Terwijl sommige groepsleden het museum bezoeken, trekken Mieke, Tania en ikzelf de stad in op zoek naar verborgen pareltjes. Er zijn tal van leuke winkeltjes waar nog het echte Afrikaans wordt gesproken. Her en der staan nog wat borden met Afrikaanse spreuken op. Wij vinden dit Afrikaanse taaltje heel leuk.


De Moederkerk wordt echt gezien als het symbool van de stad. De Moederkerk is niet meer helemaal origineel, want de oorspronkelijke Moederkerk brandde af in het jaar 1710. Het heeft in totaal meer dan tien jaar geduurd om de kerk weer helemaal herop te bouwen. Vervolgens werd er in het jaar 1814 een stuk bijgebouwd, en een halve eeuw daarna werd de kerk helemaal gemaakt zoals deze nu nog steeds is. Carl Otto Hagar, een kunstenaar uit Duitsland heeft de Neogotische stijl in het ontwerp van de Moederkerk gerealiseerd. Aan de kerk zien we een dakloze rasta man en we willen stiekem een foto nemen van de man maar hij is heel opmerkzaam en verdwijnt voor we hem kunnen vastleggen op foto. We besluiten dan maar even de kerk binnen te gaan maar dan duikt de man plots op naast ons. Hij zegt: ‘When you want to take a picture of me, you should ask’. Mieke en ikzelf gebaren van kromme haas en we zeggen dat we helemaal geen foto van hem aan het nemen waren. Hij vraagt om te kijken. Ik heb daar geen probleem mee want de mislukte foto is allang gewist. Hij lijkt teleurgesteld en vraagt beteuterd: ‘You do not want a photo of me?’. Ik antwoord : ‘I would love a photo as you are very colourful’. Dat tovert een glimlach op zijn gezicht en terwijl ik de foto wil nemen, zegt hij: ‘You will give me something?’. Ik had niet anders verwacht dus ik repliceer: ‘oké do you trust me? I will take a photo and then I will give you something’. Ik zie de aarzeling op zijn gezicht, maar toch geeft hij me de breedste glimlach die hij heeft om me dan verwachtingsvol aan te kijken. Ik hou wel woord en geef hem 10 ZAR (0,50€) waar hij super blij mee is.


Omringd door imposante bergketens en uitgestrekte wijngaarden ligt één van Zuid-Afrika’s meest betoverende dorpjes: Franschhoek. Deze idyllische plek, met een naam die ‘Franse Hoek’ betekent, ademt geschiedenis. Hugo zet ons af bij het Hugenoten monument en van daar wandelen we het dorpje in op zoek naar een leuk plekje om te lunchen. We kiezen een Italiaans restaurantje uit voor een pasta en een pizza. Ze beloven alles binnen het half uur op tafel te zetten en dat lukt. We eten heerlijk! We zijn blij dat we in de beide dorpjes vandaag wat vrije tijd kregen en stappen goedgezind terug de bus op.


Nelson Mandela kwam in 1990 vrij uit de gevangenis dus bezoeken we hier het standbeeld dat van hem werd gemaakt en daarna rijden we door naar Paarl waar we het ‘Taalmonument’ bezoeken dat ontworpen en gebouwd werd in 1975. Het monument ligt op de helling van Paarl Rock en is een eerbetoon aan de Afrikaanse taal dat na vele jaren eindelijk erkent wordt als een officiële taal. De Afrikaanse taal is een heel gezellige, grappige, natuurlijk aanvoelende taal. Het is een samenvoeging van vooral Nederlands, Frans, Duits en Indisch. Samen geeft dit dus het Afrikaans. Het monument is echter ook omstreden. Als je je in de cultuur verdiept, is een groot deel van de recente geschiedenis van Zuid-Afrika pijnlijk en zwaar. Het herinnert veel zwarte Zuid-Afrikanen aan de periode van apartheid in hun land. We lopen de trap op naar het monument, omgeven door een prachtig aangelegd park en Hugo geeft uitleg. Ik vind het nog steeds prachtig!


Na deze culturele stop, gaan we wijnproeven. Een must wanneer je in de wijnstreek passeert. Op de wijnboerderij Fairview, worden we rondgeleid door een lief meisje, die ons alles vertelt over de 8 wijnen die we vandaag gaan proeven. Haar motto: If you do not drink wine in this region, you are wasting your time! We proeven drie soorten wit, een roseetje en 3 soorten rode wijn. Eindigen doen we met een rode dessertwijn. De wijn wordt geserveerd met verschillende soorten kaas, maar omdat ik dat niet lust krijg ik brood. Wat denk je? Zitten er toch olijven in dat brood zeker! Ja dat lust ik ook niet. Gelukkig heb ik nog een zakje chips bij. Ook prima om te knabbelen bij een glaasje. Plots voel ik iets bijten … ik kijk naar beneden en zie een klein bruin beestje met rode flanken. Ik veeg het weg en voor ik goed en wel kan zien wat het is, heeft Tania het al platgetrapt. Het blijft nog wat pijnlijk maar uiteindelijk trekt het weg en zie ik er niets meer van. Wat het ook was, ik hou er geen bult aan over. Voor ons op tafel ligt een prijslijst van de wijnen, maar ik ben niet echt van plan om iets te kopen. Ook de andere groepsleden houden het bij proeven. In een ietwat giechelige stemming stappen we terug de bus op. Richting Kaapstad.


S’ Avonds gaan we opnieuw naar de Hussar Grill voor alweer, en hopelijk het laatste, driegangenmenu. Voor een laatste avond, is het redelijk rustig en iedereen is een beetje down omdat ze morgen naar huis vertrekken. Wij gaan hen ook missen maar hebben natuurlijk nog wel een paar dagen extra vakantie. Om 22 u zijn we terug in het hotel. Wanneer de zee op de achtergrond ruist, komt de nachtrust vanzelf.


dinsdag 13 oktober 2026

Tafelberg - Kaap de Goede Hoop - Boulder Beach

‘Capetown is calling - a home away from home’


Ik kan me inbeelden dat als je hier bent geboren, elke andere stad in het niet valt. Laat je niet misleiden door de ogenschijnlijke loomheid van de ‘mother city’ want achter deze façade schuilt een bruisende stad. Ze is bovendien omgeven door een betoverende natuur en machtige bergen. Veel plekken zijn mooi, maar Kaapstad heeft het allemaal: bergen die in de oceaan duiken, wijn van wereldklasse, fantastisch eten, pinguïns, prachtige stranden, wandelroutes en zonsondergangen die bijna onwerkelijk lijken. Kaapstad maakt de hype niet alleen waar, maar zet een compleet nieuwe standaard! Hopelijk deelt ook Tania weldra mijn mening!

De Tafelberg in Kaapstad is altijd de hoogste prioriteit. Waarom? De Tafelberg is vaak in dikke wolken gehuld – de lokale bevolking noemt dit 'het tafelkleed' – en het heeft dan geen zin om er naartoe te gaan, want dan zie je niets. We schrikken er dus niet van dat het programma wordt omgegooid want van zodra het helder is, moeten we naar boven. Gisteren had Hugo ons al gezegd dat het programma aangepast zou worden. ‘We gaan nu de Tafelberg op’.


Waar je ook bent in Kaapstad, de Tafelberg vormt de schilderachtige achtergrond, want hij torent boven de stad uit. Met een hoogte van zo’n duizend meter en een lengte van drie kilometer is dit natuurwonder niet te missen. En natuurlijk móet je op het dak van de Tafelberg hebben gestaan.  De kabelbaan overspant de afstand tussen het dalstation op 366 m en het bergstation op 1067 m met een 1244 m lange kabel. We laten ons met de roterende kabelbaan naar boven voeren. Zo hebben we een 360° uitzicht op Lion’s Head. Deze prachtige berg is een van de meest herkenbare symbolen van Kaapstad. Na enkele minuten komt echter de mist opzetten. ‘What a difference a minute makes!’ Het lijkt wel een scène uit Gorilla’s in de mist. 

Eenmaal boven hoor ik Ann zeggen: ‘Volg Nadine, zij weet de weg’. Even snel nadenken want de kant van Kaapstad zit onder een dikke wolk mist nu, maar aan de andere kant is het blauwe lucht dus stel ik voor om de weg in de andere richting te volgen. Met wat geluk waait de mistwolk voorbij. Aan de andere kant worden we betoverd door de natuurlijke schoonheid die ons omringt. We kijken onze ogen uit. FENOMENAAL!!


















Kaapstad heeft ongetwijfeld de schitterendste natuurlijke ligging van alle steden die ik ooit heb gezien. Sinds 2011 staat de Tafelberg op de lijst van de zeven nieuwe wereldwonderen. Het plateau van de Tafelberg is vlak en je kunt er heel gemakkelijk overheen lopen. We dwalen over de paden aan de achterkant van de berg en fotograferen de met struikgewas begroeide kliffen. Dit gebied doet me denken aan het landschap in ‘Game of Thrones’.

Vanuit Kaapstad slingert een prachtig kustweg richting Cape Point: Chapman’s Peak Drive. Langs de ene kant rode, ruwe rotsen waar de weg echt werd uitgehouwen en aan de andere kant de oceaan. De tocht naar het einde van het schiereiland is werkelijk indrukwekkend en adembenemend. Kliffen storten met steile kracht omlaag in de zee. Wilde golven dansen terwijl de wind er toefjes water afblaast. Je ziet hoe de golven zich op het strand smijten en wild op de rotsen beuken. Lage begroeide heuvels met daarin opvallende vierkante rotsblokken, het lijken wel lego blokjes. Weinig versleten alsof de ijstijd die ze heeft gevormd maar net voorbij is. Hoe dichter we bij Kaap de Goede hoop komen, hoe desolater het landschap. Steeds minder huizen, steeds minder begroeiing. Het wemelt er van de plantjes in zo ongeveer elke tint groen, grijs en bruin. Het lijkt wel een miniatuurwoud, hier liefkozend fynbos genoemd. 


We hebben op school allemaal wel die les gehad over Kaap de Goede Hoop: dat wispelturige stuk land dat slecht weer bracht voor Vasco da Gama en talloze andere ontdekkingsreizigers. Er varen nauwelijks schepen want er zijn hevige stromingen hier. Ze noemen deze rotsachtige uithoek niet voor niets de stormkaap. In de zee rond Kaap de Goede Hoop liggen duizenden scheepswrakken die in het onheilspellende weer vergingen. Daarom werden er vuurtorens gebouwd om de vaarroute veiliger te maken. Ze staan echter niet op Kaap de Goede Hoop maar op het hoger gelegen Cape Point, even verderop, maar dat bezoeken we later op de dag.


























De natuur, het geweld van de golven, de ongereptheid, de enorme aangespoelde waterplanten, de zon en een zalig windje, geweldig allemaal. Hier zouden we gemakkelijk een gehele dag kunnen doorbrengen. In de verte zien we zeehonden op een rots en honderden vogels genieten er van de zon.


Hugo heeft het geweldige idee om te gaan lunchen op de rotsen voorbij Kaap de Goede Hoop. Wanneer iedereen zich geïnstalleerd heeft, geeft Chantal plots een gil ‘baviaan’ ! Ik was sowieso al extra alert dus bij mij hebben die brutale beesten niks te zoeken, maar met Hugo zijn boterhammetje zijn ze wel weg. Ze komen bij iedereen eens kijken wat er te rapen valt en ze zijn best agressief, vooral het mannetje.


























Tania en ik hadden ons geïnstalleerd op de zachte fleece van Tania, maar nadat wij zijn recht gesprongen, blijft de fleece wel op de rotsen liggen. Ondertussen zit het vrouwtje met kind naast de fleece en is het niet zeker wat het beest gaat doen. Het zou niet de eerste keer zijn dat zo’n baviaan een kledingstuk mee ritst. Hugo komt aangestormd en jaagt het beest weg om zo de fleece van Tania in veiligheid te brengen. Ons gezellig lunchplekje wordt wel ingewisseld met een plekje op de bus. De apen blijven nog wel even in de buurt want ze zijn er nog niet van overtuigd dat er geen hapje meer te rapen valt.




























We rijden verder naar boven en in de weidse vlakte links van ons ontwaren we een elandantiloop en een struisvogel en rechts van ons trekt de zee de aandacht. Turbulente golven stuiten er afwisselend op strand en rotspartijen. We kunnen met een treintje naar boven of te voet. Omdat we gisteren al zo lang in de bus gezeten hebben besluiten we te voet naar boven te gaan. Op,de steile weg naar boven zijn er tal van mooie plekjes om te pauzeren. Hier speelt de natuur de hoofdrol. In mijn ooghoek zie ik iets wit uit het water komen. Ik denk gelijk dat het een walvis is en verwittig de anderen. Blijkt dat het een rots in het water is waar de golven tegenaan stuiten. Ik heb mijn medereizigers toch even enthousiast gekregen! Gelukkig spotten we ook nog andere diertjes. De prachtige Swart gordelakkedis heeft zware, stekelige schubben en komt voornamelijk hier voor.


























Hoe indrukwekkend de Big Five ook zijn, niets doet mijn hart zo smelten als de Afrikaanse pinguïn. In Boulders Bay leeft een kolonie van ongeveer 3.000 exemplaren. Dat is opmerkelijk, want enkele tientallen jaren geleden was de populatie hier nog uiterst klein. Dankzij beschermingsmaatregelen groeide ze uit tot een van de bekendste pinguïnkolonies van Zuid-Afrika. Nadat An onze toegang heeft geregeld, wandelen we vanuit het Boulders Visitor Centre over de houten promenades van Foxy Beach. Deze verhoogde wandelpaden voeren ons door de duinen naar de plek waar de meeste pinguïns broeden, rusten en rondwaggelen. Het is de ideale locatie om de dieren van dichtbij te observeren zonder hen te storen. Overal zien we pinguïns: tussen de struiken, op het strand en zelfs onder de houten vlonders. Toch voelt het voor mij een beetje als een dierentuinervaring.


De Afrikaanse zwartvoetpinguïn is de enige pinguïnsoort die broedt op het Afrikaanse continent. Met een hoogte van ongeveer 60 cm, een zwart-wit ‘smoking’, een opvallende zwarte borstband en een roze vlek boven de ogen, is hij uitstekend aangepast aan het koele, visrijke water hier. Het blijft een surrealistisch gezicht: duizenden zwart-witte pinguïns op een zonovergoten Zuid-Afrikaans strand. Ze worden ook wel ezelspinguïns genoemd vanwege hun kenmerkende balkende roep. Sommige pinguïns hebben nog donsveertjes omdat ze nog niet lang geleden geboren zijn



Wanneer we buiten komen, zien we ook nog enkele dassies. Ze lijken wel onder hypnose en staren in de verte alsof wij niet bestaan. Mijn dag kan niet meer stuk, twee van mijn favoriete Zuid-Afrikaanse diertjes op amper 100 meter van elkaar. 


























We rijden terug richting Kaapstad. De rit op zich is ook een ware traktatie. De bergen in de nevel, ruige rotsen en een eindeloze oceaan. Ik zou niets liever willen dan over Chapman’s Peak cruisen in een cabrio, met zo’n vintage sjaaltje in mijn haar, eruitziend als een model. In plaats daarvan zitten we in onze bus.  Maar wie ben ik om te klagen? Ik bevind me immers in de mooiste stad ter wereld – althans, volgens mij!


Vanavond gaan we eten in Restaurant Den Anker, gelegen aan het Victoria & Alfred Waterfront, waar de Atlantische Oceaan de 'Mother City' ontmoet. Het restaurant beschikt over kamerhoge ramen die een schilderachtig uitzicht op de Tafelberg bieden. De oprichter van het restaurant is een Belg en daarom staan er hier heel wat Belgische bieren op de kaart. Zes daarvan zijn van de tap verkrijgbaar: De Koninck, Vedett Extra White, Liefmans Fruitesse, La Chouffe en hun eigen 'house ale' Anker Brew, maar ze hebben ook 25 Belgische bieren op fles, waaronder Duvel, Westmalle Tripel of St. Bernardus. Jullie horen het, een walhalla voor de bierdrinkers onder ons. We hebben weer een vastgesteld menu en starten met gerookte, gemarineerde zalm om van te watertanden. Ik heb werkelijk nog nooit zo’n lekkere zalm gegeten. Het hoofdgerecht is kingklip als je voor vis gaat en koedoe steak als je voor vlees gaat. We kiezen van elk eentje. De koedoe smaakt een beetje zoet en de kingklip naar kabeljauw. Na een heerlijke maaltijd, zet Hugo ons veilig af in het hotel.